De jaaropening

De jaaropening

Eind augustus, begin september. Op vrijwel alle scholen in Nederland start het nieuwe schooljaar en hierbij mag een jaaropening uiteraard niet ontbreken! Deze week realiseerde ik mij dat ik dit jaar alweer mijn 15e jaaropening zal gaan bijwonen. Geen record uiteraard, maar best een respectabel aantal, al zeg ik het zelf. Ik kijk altijd wel uit naar deze bijeenkomst en ben vaak nieuwsgierig naar wat er allemaal gepresenteerd gaat worden. En jij? Herken je mijn nieuwsgierigheid?

Ik heb eigenlijk nooit echt goed onderzocht waar het fenomeen jaaropening vandaan komt en met welke bedoeling deze bijeenkomst ooit bedacht is. Wat ik wel weet, is dat deze bijeenkomsten vaak uit diverse onderdelen zijn opgebouwd: tijd om elkaar te ontmoeten en te luisteren naar elkaars vakantie verhalen, een welkomstwoord door de voorzitter van het college van bestuur, een gastspreker, inspirerende en richtinggevende doelstellingen voor het aankomend schooljaar, prestaties of presentaties door studenten en, last-but-not-least, minder leuke (vaak administratieve) zaken die echt om aandacht en inzet vragen van alle medewerkers. Daarna koffie met gebak en op weg naar de docentenkamer om dit alles in kleine kring nog eens dunnetjes over te doen en de eerste problemen in de docentenroosters op te halen…

De aandacht verslapt

Het valt mij op dat de aandacht van het publiek tijdens een jaaropening al vrij snel wil verslappen. De eerste mobieltjes worden al tijdens het welkomstwoord tevoorschijn gehaald. En dat is meestal niet om een foto te maken…. Natuurlijk, hoe beter de spreker, hoe langer het lukt om het publiek in de zaal geboeid en betrokken te houden, maar toch. Het blijft lastig. Het is soms ook zo saai. En dat terwijl we juist samen komen om met elkaar het nieuwe schooljaar ‘af te trappen’ en vol goede moed en inspiratie onze studenten te verwelkomen de komende weken. Waarom praten veel collega’s dan over ‘verplicht aanwezig zijn’ en zijn we blij als het over is? Waar gaat het dan mis?

Dit deed mij denken aan een gesprek dat ik kort voor de zomervakantie had met een aantal collega’s. Wij spraken over veranderen en welke rol regels en routines hierin hebben. Als je wilt veranderen, is het belangrijk om juist naar deze regels en routines te kijken en ze ook ter discussie te durven stellen. Waarom doen we de dingen zoals we ze nu doen? Waarom doen we een jaaropening zoals we die nu doen?

Jaaropening 2.0, maar hoe dan?

Wat zou er gebeuren als we de opening van een schooljaar eens heel anders aanvliegen? Komen we dan steeds met alle medewerkers op een plek bij elkaar? Gaan we dan nog steeds allemaal zitten en luisteren naar de sprekers en de thema’s die zij graag met ons willen bespreken? Wat zou dan ons doel zijn met deze bijeenkomst? Gaat het dan nog steeds om ontmoeten, inspireren en informeren, of zijn er dan andere doelstellingen belangrijk?

Deze vragen dwarrelden door mijn hoofd toen ik mij realiseerde dat ook ik binnenkort weer bij een jaaropening aanwezig zal zijn. Wie weet een bijeenkomst met een andere opzet en doelstelling dan ik tot nu toe heb meegemaakt! Ik ga er in ieder geval met andere ogen naar kijken, op zoek naar antwoorden op mijn vragen over deze traditie.

De jaaropening voor studenten

Terwijl ik zo aan het nadenken was over de het fenomeen jaaropening, realiseerde ik mij ook dat DE introductieweek voor studenten eigenlijk niet veel anders dan een hele lange jaaropening. Ook hier zie ik de behoefte bij veel collega’s om (nieuwe) studenten tijdens deze week te ontmoeten, informeren en inspireren. Veelal aan de hand van diverse activiteiten die gedurende week de revue passeren. Ondanks dat veel onderwijsteams ontzettend hun best doen om een aansprekend en gevarieerd programma neer te zetten, zijn studenten vaak ontevreden. Het programma is niet leuk, het ontbreekt aan goede informatie en het rooster is ook ….. Misschien hebben we hier ook last van bestaande regels en routines?

Ik heb mij in ieder geval voorgenomen om dit jaar eens heel goed te kijken en veel vragen te stellen over de jaaropening, zowel bij docenten als studenten. Wie weet kom ik tot nieuwe en verrassende inzichten! Doe jij ook mee?

Ik wens je in ieder geval een ontzettend goed, leerzaam en prikkelend nieuw schooljaar toe!

Remko Keizerwaard

Remko Keizerwaard

Auteur

Schrijf je in voor onze wekelijkse blog

De jaaropening

De jaaropening

  Eind augustus, begin september. Op vrijwel alle scholen in Nederland start het nieuwe schooljaar en hierbij mag een jaaropening uiteraard niet ontbreken! Deze week realiseerde ik mij dat ik dit jaar alweer mijn 15e jaaropening zal gaan bijwonen. Geen record...

Lees meer
Telefoons in de klas, een vloek of een zegen?

Telefoons in de klas, een vloek of een zegen?

   “Studenten zijn geobsedeerd door hun mobieltje, het lijkt wel alsof het apparaat aan hun handen is vastgelijmd” hoor ik een docent klagen wanneer ik de docentenkamer binnenloop. “Je zou haast denken dat het nu wel zo ongeveer ingeburgerd zou zijn, het gebruik...

Lees meer
Wat doet stress met ons brein?

Wat doet stress met ons brein?

  Lekker aan het genieten? Verdiend! Kun je je de laatste weken voor de zomerstop nog herinneren? Stress… Een overvolle agenda, vergaderingen, lessen voorbereiden, nakijken, het huishouden, sporten en dan nog alle bezoekjes aan vrienden en familie. Dit kan aardig...

Lees meer

Telefoons in de klas, een vloek of een zegen?

Telefoons in de klas, een vloek of een zegen?

 “Studenten zijn geobsedeerd door hun mobieltje, het lijkt wel alsof het apparaat aan hun handen is vastgelijmd” hoor ik een docent klagen wanneer ik de docentenkamer binnenloop. “Je zou haast denken dat het nu wel zo ongeveer ingeburgerd zou zijn, het gebruik van telefoons in de klas. En toch hoor ik nog steeds bij docenten frustratie, maar vooral bezorgdheid als het gaat over hoe je studenten van hun mobiele minicomputer afkrijgt. In dit blog hoop ik deze frustratie en bezorgdheid te verminderen zodat we telefoons niet meer alleen zullen zien als afleiding, maar kunnen gebruiken als een toegevoegde waarde in de klas.   

In de tijd waarin we nu leven zijn mobiele telefoons of smartphones niet meer weg te denken uit het dagelijkse straatbeeld en in het onderwijs is het zeker niet anders. Doordat het telefoongebruik in de afgelopen jaren in een razendsnel tempo is toegenomen, heeft het onderwijs geen kans gehad om hierop te anticiperen. Vaak ontbreekt een passend schoolbeleid, waardoor veel docenten vaak niet weten hoe ze moeten omgaan met smartphones in de klas.

Zelf ben ik ook werkzaam als docent. Ik geef les op een middelbare school aan leerlingen van het vmbo. Hierdoor kan ik me wel herkennen in de frustratie en bezorgdheid van docenten. Ik zie namelijk ook dat de smartphone voor veel studenten onmisbaar is geworden en dat ze met moeite het apparaat in hun tas laten liggen tijdens een les. Naar mijn mening is deze obsessie niet alleen voor docenten, maar zeker ook voor studenten lastig en daarom vind ik dat wij als docenten een taak hebben om hen te leren dit gebruik te reguleren. Misschien zou je wel graag een verbod zien op smartphones in de klas, maar dit is vaak moeilijk te hanteren in het beroepsonderwijs. Niet alleen vanwege de leeftijd, maar vooral, omdat smartphones onderdeel uitmaken van deze maatschappij en studenten moeten leren hoe ze ermee om moeten gaan en dat is niet mogelijk als het verboden wordt.

Het is dus belangrijk dat we studenten leren hoe ze het gebruik van hun smartphone zelf kunnen reguleren. De volgende tips van Remco Pijpers en Wietse van Bruggen kunnen jou daarbij helpen. Bedenk daarbij wel goed dat zelfregulatie een proces is, dat niet van de ene op de andere dag kan ontstaan. Stop er dus de nodige energie in.

Tip 1; Les-ideeën voor zelfregulatie

  • Oefen zelfregulatie met studenten. Begin eenvoudig en maak het daarna elke les steeds moeilijker: laat ze drie minuten een beeldschermtekst lezen, zonder toe te geven aan de verleiding een ander scherm te openen. Verleng de tijd vervolgens naar vier minuten en bouw de tijd steeds verder op. Maak er een sport van!
 Notificaties
Instagram 
Facebook 
WhatsApp 
Snapchat 
Inkomende telefoongesprekken 
Overig 
  • Laat studenten tijdens de les hun telefoon aanzetten, met het volume op z’n hardst. Geef elke student een schema met verschillende categorieën zoals Instagram, Facebook, WhatsApp, Snapchat, inkomende gesprekken en overig en laat ze vervolgens elke keer turven wanneer ze een notificatie krijgen. In een klassengesprek kan de opdracht vervolgens worden geëvalueerd en kan bepaald worden hoe studenten het hebben ervaren, hoe ze thuis omgaan met al die meldingen en hoe ze ervoor kunnen zorgen dat ze zich blijven focussen op hun huiswerk.

Tip 2; Kijk verder dan de smartphone

Het telefoongebruik is niet de enige bron van afleiding in een klas; ook via (verplichte!) tablets, chromebooks of laptops kunnen studenten gebruik maken van sociale media, gamen en bijvoorbeeld Netflix. Zorg voor interactieve lessen, waardoor studenten betrokken blijven bij jouw les. Maak daarnaast een aanpassing in de klasopstelling waardoor je makkelijk door het lokaal kan lopen en een goed overzicht hebt van wat er op de schermen gebeurt. Wil jij meer informatie over de verschillende manieren waarop je tafels in een lokaal kunt rangschikken en met welk doel je dit kunt doen? De blog van Claudia, kan je dan zeker helpen.

Tip 3; Maak duidelijke afspraken met studenten

Bij lesobservaties merk ik dat er vaak geen afspraken zijn gemaakt over telefoon- en laptopgebruik tijdens de les. Dit blijkt bijvoorbeeld uit de volgende situatie: Studenten komen het klaslokaal binnen en gaan zitten. Ze leggen hun telefoon op tafel en maken hun laptop open. Vervolgens begint de docent met de introductie van de les. De studenten maken aantekeningen… tenminste vanuit de positie van de docent lijkt dit het geval te zijn. Het tegendeel is echter in veel gevallen waar; niet alleen een Word-document wordt geopend, ook WhatsApp, Facebook en Instagram verschijnen op veel schermen in beeld.
Maak daarom gezamenlijk duidelijke afspraken over telefoon- en laptopgebruik. Wanneer zit het mobiel device in de tas? Wanneer op tafel? Wanneer is de laptop dicht en wanneer open? Ontwerp daarin samen met de studenten duidelijke afspraken en hou er ook samen aan vast!

Tip 4; Bevorder de ICT-bekwaamheid van jou en je team

Laptops, smartphones, chromebooks en tablets kunnen ook een bijdrage leveren aan het onderwijs. Is het misschien niet zo dat onze frustratie en bezorgdheid ook wel een beetje is gericht op het feit dat we zelf niet zo goed weten hoe we er mee om moeten gaan? Het is daarom zinvol om als docent je kennis en vaardigheden verder te ontwikkelen op het gebied van ICT. Maak gebruik van de expertise van docenten of van je studenten die smartphones en andere devices inzetten in de les en wordt zelf een expert.

Heb jij slimme of creatieve oplossingen bedacht voor het zelfreguleren van smart-apparaten bij studenten? Deel ze hieronder met de andere lezers. Samen weten we meer!

Bronnen

Pijpers, R. & Bruggen, W. van (2019). Schoolbeleid voor smartphones. Geraadpleegd op 17 juni 2019

Groot, C. de (2019). Een andere klassenopstelling doet wonderen. Geraadpleegd op 27 juni 2019

Floor van Venrooij

Floor van Venrooij

Auteur

Schrijf je in voor onze wekelijkse blog

De jaaropening

De jaaropening

  Eind augustus, begin september. Op vrijwel alle scholen in Nederland start het nieuwe schooljaar en hierbij mag een jaaropening uiteraard niet ontbreken! Deze week realiseerde ik mij dat ik dit jaar alweer mijn 15e jaaropening zal gaan bijwonen. Geen record...

Lees meer
Telefoons in de klas, een vloek of een zegen?

Telefoons in de klas, een vloek of een zegen?

   “Studenten zijn geobsedeerd door hun mobieltje, het lijkt wel alsof het apparaat aan hun handen is vastgelijmd” hoor ik een docent klagen wanneer ik de docentenkamer binnenloop. “Je zou haast denken dat het nu wel zo ongeveer ingeburgerd zou zijn, het gebruik...

Lees meer
Wat doet stress met ons brein?

Wat doet stress met ons brein?

  Lekker aan het genieten? Verdiend! Kun je je de laatste weken voor de zomerstop nog herinneren? Stress… Een overvolle agenda, vergaderingen, lessen voorbereiden, nakijken, het huishouden, sporten en dan nog alle bezoekjes aan vrienden en familie. Dit kan aardig...

Lees meer

Er komt een vrouw bij de dokter…

Er komt een vrouw bij de dokter…

Over een teveel aan adviezen en ‘behandelplannen’.

Vorige week sprak ik een beginnend leidinggevende tijdens een van mijn werkzaamheden ergens in Nederland. Zij is net gestart in haar nieuwe rol en is uiteraard heel enthousiast en gedreven om haar team en het onderwijs dat zij verzorgen een stap verder te helpen. Net als bij ieder ander team is er genoeg werk aan de winkel en zijn er zeker verbeterpunten waar aan gewerkt moet worden.

Onder het genot van een bakje koffie raakten we aan de praat over alles wat er op je af komt en waar nu de belangrijkste aandachtspunten liggen in deze fase van het schooljaar. Al snel rolden de eerste tips en trucs over tafel en probeerden we het eerste dilemma samen op te lossen. Natuurlijk realiseerde ik me al snel dat er zo veel te vertellen valt over het thema ‘leidinggeven in onderwijs’ en dat het dan juist belangrijk is om te minderen. Deze collega is net gestart en heeft niets aan een lawine aan informatie en goed bedoelde adviezen. Neem juist de tijd om het vak te leren en te ontdekken wat jouw sterke leidinggevende kwaliteiten zijn, dacht ik nog.

Een hulpmiddel?

Eenmaal thuis bleef ik aan ons gesprek denken. Is er nergens een overzicht te vinden met waardevolle informatie over kwaliteit van onderwijs en de belangrijkste thema’s die tijdens een schooljaar aan bod komen? Dit zou haar vast en zeker kunnen helpen. Die avond opende ik een nieuwsbrief van de mbo raad. Mijn oog viel op het kopje Teamplaat onderwijskwaliteit’  en ik besloot te klikken. Er wordt een handig overzicht getoond met daarin de vitale thema’s van het onderwijs- en examenproces. Superhandig, dacht ik nog en ik moest gelijk aan de collega denken die ik eerder die week gesproken had. Dit zou vast iets voor haar zijn ….

Handreikingen, checklists, publicaties, …

Niet veel later lag ik echter rollend van het lachen op de bank. In al mijn enthousiasme was ik gaan klikken en kwam tot de ontdekking dat deze teamplaat (hopelijk) alle relevante handreikingen, checklists, publicaties, protocollen, service documenten, enzovoorts bij elkaar heeft gezet. Dit levert het volgende duizelingwekkende overzicht op:

27 publicaties over Vaststellen en uitwerken van het opleidingenaanbod, 10 publicaties over Ontwikkelen en voorbereiden, 2 publicaties over Werven, 2 publicaties over Inschrijven, 3 publicaties over BPV organiseren, geen (!) publicatie over Plannen en roosteren, 9 publicaties over Onderwijs uitvoeren, 13 publicaties over Examineren, 6 publicaties over Diplomeren en certificeren, 1 (?) publicatie over Team organiseren en ontwikkelen, 21 publicaties over de Aanbodketen, 5 publicaties over de Inschrijfketen, 7 publicaties over de Onderwijsketen, 12 publicaties over de Examenketen.

Het oerwoud

In totaal 118 stuks.

En dan heb ik het nog niet over de hoeveelheid interne beleidsdocumenten die ook belangrijk gevonden worden. Tenslotte laat elke landelijke richtlijn ook ruimte voor eigenaarschap en regie bij de scholen! En die ruimte laat geen enkele school onbenut.

Wat betekent dit nu eigenlijk? Is ons onderwijs nu echt zo ingewikkeld dat we er 118 publicaties voor nodig hebben om de kwaliteit van ons onderwijs te waarborgen? Of durven we echt niets meer aan het toeval – lees gezond verstand – over te laten en te vertrouwen op de aanwezige kennis en kunde in een onderwijsinstelling? Is er één beginnend leidinggevende geholpen met dit oerwoud aan informatie? Ik denk het niet. In ieder geval heb ik de collega die ik gesproken heb niet gebeld voor deze tip.

Hoe nu verder?

Natuurlijk weet ik dat ook de overheid zich bewust is van deze (over)regulering en daar aan werkt. Zo verscheen in het najaar van 2018 de publicatie ‘Ruimte in regels’ voor het mbo. Op zich een hoopgevende titel, maar toch heb ik twijfels. Als je als overheid 72 pagina’s nodig hebt om de ruimte te vinden, zijn er of heel veel ruimtes of heel veel regels. Wat denk jij?

Een andere aanpak?

Daarom pleit ik voor een ander initiatief! In plaats van al deze richtlijnen, checklists, publicaties, brigades en wat dies meer zij wil ik iets anders. Ik wil het gesprek weer terug op school! Niet het gesprek tussen de studenten en docenten, of het gesprek in het team, maar het gesprek tussen de studenten en het college van bestuur. En dan niet vier keer per jaar omdat er vast wel weer een richtlijn over good governance is die dit verplicht stelt.

Nee, gewoon wekelijks, tijdens het directeuren overleg. Naast de voorzitter van het college van bestuur zitten dan een aantal studenten die zich ook hebben voorbereid op het overleg en zij praten en beslissen mee. Zij vertellen hoe het echt zit in de school en zij laten zien waar de knelpunten zitten op al die thema’s waar nu 118 publicaties over geschreven zijn.

Het advies van ‘de dokter’ …..

Niet veel later heb ik de telefoon gepakt en ik heb de collega uit het begin van dit verhaal gebeld. Ik heb haar gezegd dat de belangrijkste tip die ik haar kan geven is: spreek elke week met je studenten, laat ze aansluiten bij de teamvergadering, vraag of ze het teamplan mee willen schrijven, laat ze mee beslissen over het plan van inzet, laat ze helpen bij het vullen van de studiegids, maak samen met hen de jaarplanning, …, …, enzovoorts.

En oh ja, gebruik de ‘Teamplaat onderwijskwaliteit’, maar met mate!

Remko Keizerwaard

Remko Keizerwaard

Auteur

Schrijf je in voor onze wekelijkse blog

De jaaropening

De jaaropening

  Eind augustus, begin september. Op vrijwel alle scholen in Nederland start het nieuwe schooljaar en hierbij mag een jaaropening uiteraard niet ontbreken! Deze week realiseerde ik mij dat ik dit jaar alweer mijn 15e jaaropening zal gaan bijwonen. Geen record...

Lees meer
Telefoons in de klas, een vloek of een zegen?

Telefoons in de klas, een vloek of een zegen?

   “Studenten zijn geobsedeerd door hun mobieltje, het lijkt wel alsof het apparaat aan hun handen is vastgelijmd” hoor ik een docent klagen wanneer ik de docentenkamer binnenloop. “Je zou haast denken dat het nu wel zo ongeveer ingeburgerd zou zijn, het gebruik...

Lees meer
Er komt een vrouw bij de dokter…

Er komt een vrouw bij de dokter…

  Over een teveel aan adviezen en ‘behandelplannen’. Vorige week sprak ik een beginnend leidinggevende tijdens een van mijn werkzaamheden ergens in Nederland. Zij is net gestart in haar nieuwe rol en is uiteraard heel enthousiast en gedreven om haar team en het...

Lees meer

“Voor Zarah, en iedereen die (even) niet in het systeem past.”

“Voor Zarah, en iedereen die (even) niet in het systeem past.”

In de zomer van 2017 ontwikkelde zich bij onze dochter – totaal onverwacht – een ernstige vorm van epilepsie. Ergens in het voorjaar ontstonden er bij ons al wel vermoedens van deze ziekte, maar dat het zich zou ontwikkelen tot de ernstige vorm die we gezien hebben in de zomer van dat jaar had niemand kunnen zien aankomen. Na een intensieve periode van ziekenhuisopnames en behandelingen is haar epilepsie inmiddels goed onder controle en kan Zarah haar ‘gewone’ leven gelukkig weer oppakken. Alhoewel… 

De cito toets

Zarah is inmiddels twee jaar verder en zit in groep 3 van de basisschool. Dit betekent ook voor kinderen van haar leeftijd dat het schoolsysteem gaat vragen om meetbare resultaten en het inzichtelijk maken van individuele schoolprestaties. Kort samengevat: de cito toets. Op een gestandaardiseerde wijze verzamelen we in Nederland gegevens over de cognitieve ontwikkeling van onze kinderen, al vanaf groep 1 en 2. Zo volgen we hun ontwikkeling en benutten we de resultaten om tot een onderbouwd (school)advies te komen.

Ook Zarah heeft in november deze toets gemaakt en inmiddels hebben wij als ouders haar schoolrapport en uiteraard de cito scores onder ogen gekregen. Uit deze scores bleek dat zij op dit moment bij de 5% zwakst scorende leerlingen van Nederland hoort. En dat terwijl uit psychologisch onderzoek – in het kader van haar epilepsie – is gebleken dat zij cognitief juist heel goed mee kan komen. Twee onafhankelijke metingen over hetzelfde cognitieve vermogen, maar met een compleet ander resultaat. Hoe kan dat?

Een ervaring rijker

Het antwoord op deze vraag vinden we in de manier van toetsen. Zarah heeft door haar medicatie last van een vertraagde verwerkingssnelheid en kan op dit moment moeilijker onder tijdsdruk werken of meerdere dingen tegelijk doen. En daar houdt de citotoets nu net even geen rekening mee. De toets richt zich niet alleen op wat we willen meten, maar de wijze waaróp gemeten wordt houdt ook geen rekening met andere omstandigheden of behoeften. En dat is bij Zarah net even anders op dit moment. Dit is ook bekend op school, maar ja, zo werkt de cito….

Voor Zarah op dit moment niet passend en zeker geen succeservaring!

Mensen in een bedacht systeem

Nu gaat het er wat mij betreft niet om hier een punt te maken voor Zarah. Zij komt er wel en het gaat ons als ouders echt wel lukken om goed in gesprek te blijven met school en vooral daar ons punt te maken over wat er volgens ons nu écht de bedoeling is. Deze ervaring in ons gezin heeft mij vooral op een andere manier laten ervaren dat er veel meer Zarah’s in Nederland zijn en hoe belangrijk het is om goed te blijven kijken wat er écht belangrijk is in ons onderwijs.

Natuurlijk, een bepaalde aanpak en systematiek helpen bij het organiseren en objectiveren van ons onderwijs. Daar is wat mij betreft ook veel voor te zeggen. Het gaat mij er alleen om: blijven we met elkaar wel zien dat het om ménsen gaat? En vergeet niet: het zijn mensen die vaak niet passen in de door mensen bedachte systemen.

Leiderschap in een bedacht systeem

In mijn werk als interim leidinggevende voel ik ook regelmatig deze spanning: oké, die student heeft inderdaad een wapenstok gebruikt, dus volgens het systeem moet hij er uit. Aan de andere kant, hij is een asielzoeker uit Syrië en werd wel behoorlijk uitgedaagd op social media met racistische foto’s en filmpjes. Dit geeft hem nog steeds niet het recht om voor eigen rechter te spelen, maar geeft wel een andere context. Moet ik hem nu toch verwijderen of zijn er andere opties? Is het gesprek hierover voeren nu juist het vak burgerschap zoals het eigenlijk bedoeld is?

Of wat te denken van het nieuw ingevoerde ‘bindend studieadvies’ in het mbo. Over enkele weken krijgen alle eerstejaarsstudenten te horen of zij al dan niet in de opleiding mogen blijven, op basis van behaalde studieresultaten en studievoortgang. Vele beleidsmedewerkers in het land hebben zich de afgelopen maanden gebogen over een juiste formulering en een geschikt format voor de duizenden brieven die verspreid over het land moeten worden uitgedeeld. Om nog maar te zwijgen over het ‘voorlopig studieadvies’ dat wel vooraf hoort gaan aan het ‘bindend studieadvies’. In mijn ogen een ongelofelijke – en onzinnige – kerstboom die is opgetuigd om tegemoet te komen aan de (terechte) zorgen die er zijn ontstaan naar aanleiding van het instellen van het toelatingsrecht van studenten. En ik doe er niet aan mee. Ik geloof niet dat het opstarten van nog een bureaucratische molen helpt in onze betrokkenheid naar studenten en hun ontwikkeling. Een brief, een verslag, resultaatafspraken op papier, wat voegt dit nu toe. Wat vind jij daar eigenlijk van?

Leiderschap in het beroepsonderwijs, doe je met ons mee?

In het complexe systeem dat onderwijs is, komt het er volgens mij meer en meer op aan dat we durven te kiezen vanuit de bedoeling. Dat we teruggaan naar waarvoor we iets eigenlijk bedacht hadden, of wat het belang voor onze studenten eigenlijk is. Zo is de cito toets ooit bedacht om de voortgang van het leerproces te objectiveren en niet als instrument om te gebruiken in benchmarks en bindende adviesgesprekken. En zo leidt het beroepsonderwijs op voor een beroep. Toelatingsrecht in het mbo heeft volgens mij dan ook betrekking op het recht om een opleiding te volgen. Moet het dan niet zo zijn dat de eerste keuze van de student getoetst moet worden aan de reële kansen voor de desbetreffende student in het uiteindelijke beroep? En is het dan niet veel eerlijker om dit gesprek voorafgaand aan de opleiding te blijven voeren, in plaats van dit achteraf – met behulp van veel papier en formele taal – te  laten voelen?

De komende maanden gaan wij, samen met Tjip de Jong, aan de slag met het ontwikkelen van een leergang rondom leidinggeven. Met onze kennis en ervaring met leiderschap in het beroepsonderwijs hopen we invulling te kunnen geven aan een divers programma van masterclasses, workshops, blogs, enzovoorts. Een leergang die ruimte moet bieden aan de dilemma’s die het systeem met zich mee brengt, waarin we met elkaar van gedachten kunnen wisselen over de zin en onzin van bepaalde structuren en systemen. Waar we met en van elkaars ervaringen kunnen leren om de ongezonde uitwassen van dit systeem weer gezond te maken.

Graag hoor ik van jou welke dilemma’s of vragen jij tegen komt in jouw dagelijks werk als docent of als leidinggevende in het onderwijs. Welke keuzes heb jij gemaakt of (nog) niet? Van welke ervaring van jou kunnen wij leren? Laat het me weten!

Immers, ook in ons leiderschap dragen wij bij aan Excellent onderwijs, voor iedereen!

Alvast bedankt voor jullie reacties.

Remko Keizerwaard

Remko Keizerwaard

Auteur

Schrijf je in voor onze wekelijkse blog

De jaaropening

De jaaropening

  Eind augustus, begin september. Op vrijwel alle scholen in Nederland start het nieuwe schooljaar en hierbij mag een jaaropening uiteraard niet ontbreken! Deze week realiseerde ik mij dat ik dit jaar alweer mijn 15e jaaropening zal gaan bijwonen. Geen record...

Lees meer
Telefoons in de klas, een vloek of een zegen?

Telefoons in de klas, een vloek of een zegen?

   “Studenten zijn geobsedeerd door hun mobieltje, het lijkt wel alsof het apparaat aan hun handen is vastgelijmd” hoor ik een docent klagen wanneer ik de docentenkamer binnenloop. “Je zou haast denken dat het nu wel zo ongeveer ingeburgerd zou zijn, het gebruik...

Lees meer
Er komt een vrouw bij de dokter…

Er komt een vrouw bij de dokter…

  Over een teveel aan adviezen en ‘behandelplannen’. Vorige week sprak ik een beginnend leidinggevende tijdens een van mijn werkzaamheden ergens in Nederland. Zij is net gestart in haar nieuwe rol en is uiteraard heel enthousiast en gedreven om haar team en het...

Lees meer

Terugblik 2018

Terugblik 2018

We kijken terug op een prachtig onderwijsjaar. 2018 heeft veel gebracht. In deze animatie een korte terugblik op mijn jaar. Ik wil jullie hartelijk danken voor de mooie samenwerking en het lezen van onze blogs. Hele fijne kerstdagen en in 2019 gaan we er weer tegenaan!

 

Remko Keizerwaard

Remko Keizerwaard

Auteur

Schrijf je in voor onze wekelijkse blog

De jaaropening

De jaaropening

  Eind augustus, begin september. Op vrijwel alle scholen in Nederland start het nieuwe schooljaar en hierbij mag een jaaropening uiteraard niet ontbreken! Deze week realiseerde ik mij dat ik dit jaar alweer mijn 15e jaaropening zal gaan bijwonen. Geen record...

Lees meer
Telefoons in de klas, een vloek of een zegen?

Telefoons in de klas, een vloek of een zegen?

   “Studenten zijn geobsedeerd door hun mobieltje, het lijkt wel alsof het apparaat aan hun handen is vastgelijmd” hoor ik een docent klagen wanneer ik de docentenkamer binnenloop. “Je zou haast denken dat het nu wel zo ongeveer ingeburgerd zou zijn, het gebruik...

Lees meer
Wil jij veranderen?

Wil jij veranderen?

  Einde van het studiejaar   We zijn allemaal professionals. En ook gewoon mensen. Zo aan het einde van het studiejaar valt het decorum soms wat weg en komt de ware behoefte boven. En dat is op dat moment vooral: rust! Nadenkend over een blog die in de...

Lees meer

Onderwijskundig leiderschap, ….. ehhh …..

Onderwijskundig leiderschap, ….. ehhh …..

Een aantal weken geleden hebben wij met een aantal collega’s van onderwijsadviesbureau Dekkers een masterclass gehouden over leiderschap in het beroepsonderwijs. Samen met collega’s van diverse scholen uit het land hebben we nagedacht over wat dit nu eigenlijk is: onderwijskundig leiderschap. Diverse voorbeelden van nieuw leiderschap, nieuwe organisatievormen en uiteraard ook de daarbij behorende knelpunten kwamen aan bod.

Zelf mocht ik ook zitting nemen aan deze gesprekstafel om daar, samen met andere collega’s, inzichten en ervaringen te delen. Voor ons bureau een eerste stap in het verder ontrafelen van het vraagstuk wat leiderschap in het onderwijs nu eigenlijk precies inhoudt. Graag zou ik deze verkenning doorzetten en een aantal thema’s via deze weg, samen met jou, verder verkennen en bespreken.

 

Wat vinden we tegenwoordig belangrijk? Laat ons verlangen naar de zee!

In bijna alle onderwijsinstellingen spreken we tegenwoordig over onderwijskundig leiderschap. Blijkbaar zijn we niet meer op zoek naar managers of leidinggevenden, maar veel meer naar leiders. Wat betekent leiderschap eigenlijk en waarom vinden we dat in deze tijd zo belangrijk? Dit doet me denken aan een uitspraak die ik ooit eens heb gehoord tijdens een leergang over leiderschap. De docent in deze leergang omschreef het verschil tussen een manager en een leider aan de hand van dit citaat:

“Als je een schip wilt bouwen, moet je werklui niet opdragen hout te verzamelen, je moet niet het werk verdelen en orders geven. Leer in plaats daarvan mensen eerst te verlangen naar de eindeloze zee.”

Antoine de Saint-Exupéry (1900-1944).

Zeggen we daarmee dan ook dat we tegenwoordig in de aansturing van het onderwijs en de teams niet meer op zoek zijn naar werkverdeling, orders, structuren en dergelijke? Werken we nu veel meer vanuit een verlangen? En zo ja, wat is dat dan, een verlangen? Welk verlangen is dat dan en van wie is dit verlangen? Bij wie van jullie staat het verlangen als vast agendapunt op de teamvergadering?
En welke gesprekken voeren jullie daar dan over?

 

Verlangen of toch verplichten?

Stel nu dat leiderschap inderdaad zou staan voor het leren verlangen. Verlangen naar iets groters om mensen in beweging te krijgen en ruimte te geven om dat te doen wat nodig is, zoals bijvoorbeeld een zeewaardig schip bouwen. Dan zou onderwijskundig leiderschap kunnen staan voor het leren verlangen naar een omgeving waar goed onderwijs gegeven wordt. Onderwijs dat voldoet aan dat wat er nu en in de toekomst nodig is.

Maar is dit ook echt waar wij naar op zoek zijn in onderwijskundig leiderschap? Ik hoef maar even te zoeken naar informatie over dit thema en ik vind van de onderwijsinspectie het onderwijsverslag 2015/2016. In dit verslag wordt onderwijskundig leiderschap in het mbo als volgt omschreven:

Goede onderwijskundige leiders ontwikkelen een visie voor hun instelling of team. Die visie is gebaseerd op hun persoonlijke en professionele waarden, passend bij de waarden van de organisatie. Ze dragen deze visie bij elke gelegenheid uit en beïnvloeden hun medewerkers en andere belanghebbenden om deze visie te delen. De overtuigingen, structuren en activiteiten in een instelling zijn erop gericht om deze gedeelde visie te bereiken (Bush en Clover, 2012).

Ehh, … als ik het dus goed begrijp zijn goede leiders volgens de inspectie dus in staat een visie te formuleren die past bij hun waarden en die van de organisatie. Zij zijn in staat hun medewerkers te beïnvloeden, zodanig dat zij deze visie ook delen. Naar mijn idee staat dit haaks op wat leiderschap zou moeten zijn volgens Antoine de Saint Exupéry.

Of dit nu zo erg is durf ik ook wel weer te betwijfelen, maar toch. Als ik kijk naar mijn dagelijkse werk in de diverse scholen in Nederland herken ik deze tegenstrijdigheid wel. Teams ‘moeten’ zich ontwikkelen als professionele leergemeenschap, eigenaar zijn van het eigen onderwijs, in control zijn, aandacht geven aan iedere individuele student, zicht houden op de onderwijsrendementen en deze ook weten te beïnvloeden, zorgen voor voldoende instroom, enzovoorts. Dit alles vooral volgens de (onderwijs)visie en beleidslijnen van de organisatie waar zij voor werken. Of dit nu het leiderschap is dat het verlangen in het onderwijsteam zal aanwakkeren …

 

Ons verlangen in de praktijk

Natuurlijk begrijp ik de behoefte van een organisatie om bepaalde structuren of doelstellingen in gezamenlijkheid te willen realiseren. Als ieder teamlid zijn of haar eigen verlangen mag verwezenlijken, ontstaan er zeker knelpunten die ook niet wenselijk zullen zijn. Wel vraag ik mij af of we op dit moment de juiste dingen doen. Of we in balans zijn.

Een paar voorbeelden, op dit moment actueel in vrijwel iedere onderwijsorganisatie: formatiebesprekingen die gebaseerd zijn op aantallen en interne mobiliteit in plaats van kwaliteit en ontwikkelvraagstukken, boekenlijsten met centraal vastgestelde titels en licentieovereenkomsten ondanks dat we niet weten of de studenten deze materialen ook echt nodig hebben, roostering op basis van optimale lokaalbezetting en efficiënt ruimtegebruik ongeacht de doelgroep en opleidingswensen. Kortom: minder aandacht voor het verlangen naar goed onderwijs, meer aandacht voor processen en procedures. Juist in deze fase van het schooljaar lijkt leiderschap
te veranderen in management en is de onderwijskundige expertise alvast op zomervakantie!

 

Onderwijskundig leiderschap, op zoek naar de juiste balans

Hoe zorgen we er nu voor dat we ook in deze fase van het jaar, volop in de voorbereiding op het nieuwe schooljaar, de juiste balans weten te houden? Hoe blijven we werken vanuit de bedoeling: excellent onderwijs voor iedereen? Hoe blijven we als team eigenaar van ons onderwijs en de organisatie die daarbij past? Hoe blijven we ons betrokken voelen bij de studenten die volgend schooljaar bij ons binnen komen? Ik blijf het lastig vinden en ik ben steeds op zoek naar de juiste balans in de beslissingen die ik hierin neem.

Hoe doe jij dat? Heb jij een manier gevonden om in alle besluiten die genomen moeten worden de juiste, onderwijskundige, balans te houden? Heb jij het idee dat jullie werken aan een verlangen?

Ik nodig je van harte uit om dit met mij te delen. Samen met jou denk ik graag verder na over dit thema en wie weet vinden we een antwoord om tot deze juiste balans te komen! Leiderschap in contact met het onderwijs, het team en organisatie waar je voor werkt.
Ik verlang ernaar..

Remko Keizerwaard

Remko Keizerwaard

Auteur

Schrijf je in voor onze wekelijkse blog

De jaaropening

De jaaropening

  Eind augustus, begin september. Op vrijwel alle scholen in Nederland start het nieuwe schooljaar en hierbij mag een jaaropening uiteraard niet ontbreken! Deze week realiseerde ik mij dat ik dit jaar alweer mijn 15e jaaropening zal gaan bijwonen. Geen record...

Lees meer
Telefoons in de klas, een vloek of een zegen?

Telefoons in de klas, een vloek of een zegen?

   “Studenten zijn geobsedeerd door hun mobieltje, het lijkt wel alsof het apparaat aan hun handen is vastgelijmd” hoor ik een docent klagen wanneer ik de docentenkamer binnenloop. “Je zou haast denken dat het nu wel zo ongeveer ingeburgerd zou zijn, het gebruik...

Lees meer
Wat doet stress met ons brein?

Wat doet stress met ons brein?

  Lekker aan het genieten? Verdiend! Kun je je de laatste weken voor de zomerstop nog herinneren? Stress… Een overvolle agenda, vergaderingen, lessen voorbereiden, nakijken, het huishouden, sporten en dan nog alle bezoekjes aan vrienden en familie. Dit kan aardig...

Lees meer