Benieuwd naar ervaringen met flipping the classroom?

Benieuwd naar ervaringen met flipping the classroom?

Gastblog

In mijn onderwijspraktijk heb ik ervaring met wisselende en afnemende motivatie van studenten. Literatuur en de ervaring leert dat we met een nieuwe generatie studenten te maken hebben. Studenten van het Technova college zijn sinds een aantal jaar verplicht tot de aankoop van een eigen laptop, die dan ook ingezet wordt in het onderwijs. Sinds de inzet van laptops geef ik onderwijs door middel van flipping the classroom. Aanleiding hiervoor was een afname van motivatie bij bepaalde vakken en het continu afgeleid zijn door andere zaken op de laptop.

Waarom nu flipping the classroom?

Voordat ik hier antwoord op geef, is een korte uitleg op zijn plaats. Essentie van ‘flipped’ onderwijs is dat studenten buiten de les de theorie eigen maken door het bestuderen van de theorie of bekijken van instructies per video. Door het ‘zenden’ van de theorie BUITEN de les te doen, is er IN de les meer tijd om te verdiepen in de stof en ook meer tijd voor werkvormen zoals projecten en samenwerken. Hierdoor neemt de betekenisvolheid van de les toe, leren de studenten ook meer van elkaar en kan ik meer gedifferentieerd inspelen op de vraagstukken die er echt liggen. Dit leidt tot meer betrokkenheid en uitdaging in de les. Voordeel om de stof thuis al te bestuderen is dat het in eigen tempo kan. Mijn werkwijze is om studenten vooraf huiswerkvragen in laten te sturen, zodat ik weet waar ik nog op kan inspelen in de les.

Mijn ervaringen

Flipping the classroom heeft voor- en nadelen.

Zo had ik de eerste les al meteen een paar studenten die het voorwerk niet gedaan hadden. Wat doe je dan?

Voor de eerste keer mochten zij het alsnog maken, maar buiten het klaslokaal, zodat ik in ieder geval verder kon met de groep die zich daarvoor wel had ingezet. Het resultaat was dat de volgende keer bijna iedereen het voorwerk had gemaakt en ook al nieuwsgierig was naar de verwerkingsopdracht. Er blijven altijd een paar studenten over  die het werk niet doen, dan is een optie interessant dat het meeweegt in het eindresultaat.

De uitvoering van de les vraagt om samenwerken en uitdagende opdrachten. Daarbij kun je denken aan een grotere groepsopdracht over meerdere lessen waarbij telkens wat meer uitleg over het onderwerp erbij komt. Of juist een korte uitzoek-opdracht waarbij de stof van het voorwerk (thuis) nog meer wordt uitgeplozen. Na een paar lessen, of elke les, kun je een korte quiz inbouwen om te checken of de kennis gaat beklijven. Een andere leuke motiverende werkvorm, en wat de motivatie prikkelt, is om peerfeedbackronde. Dit kan vooraf tijdens het voorwerk (digitaal peers toewijzen); ik heb het zelf juist in de les uitgevoerd door in tweetallen feedback te geven op een schrijfproduct (Nederlands), met vooraf opgestelde inhoudelijke hulpvragen om het leerrendement vakinhoudelijk (Arbowetgeving) te verhogen en te checken.

Het is belangrijk dat vooraf bekend is wat meetelt in het resultaat. Het inleveren van de google-forms is daar een voorbeeld van. Aanwezigheid is belangrijk en geeft een extrinsieke prikkel om aan de les deel te nemen. Ik heb per lessenserie een aantal eindeisen opgesteld door middel van rubrics, die ik na elke lessenserie verbeter, aanpas of bijstel.

Het ontwerpen van een ‘flipped’ lessenserie vraagt enige voorbereiding. Maar dit hangt ook weer helemaal af van welke eisen je stelt. Ik ben klein begonnen. Ik heb bijvoorbeeld de video’s niet zelfgemaakt, maar bestaande filmpjes gebruikt. Er is al veel materiaal beschikbaar op YouTube. Daarnaast kun je in PowerPoint een geluidsopname onder jouw presentatie hangen, waarna het als film/video kan worden opgeslagen. Ik vind dat prettig want dan is alleen je stem opgenomen en hoef je zelf niet in beeld. Denk goed na over wat je in de les wilt doen, leer- en lesdoelen zijn essentieel. Dit kan bijvoorbeeld een uitbreiding zijn op een bestaande les, waar je altijd al tijd tekort kwam om iets fatsoenlijk uit te werken.

Studenten hebben deze lessenserie als positief ervaren, wel hadden ze moeite met het feit dat andere mede-studenten niet altijd meededen. Daar zit nog een verbeterpunt. Studenten werden gemotiveerd doordat vooraf duidelijk was wat het eindproduct moest zijn. De samenwerking vonden ze leuk, vooral ook omdat het met andere werkvormen (quiz, feedback, spelvorm) werd afgewisseld.

Ik blijf mijn lessen verder ontwikkelen qua inhoud en uitdaging. Voor het vak Nederlands blijft een uitdaging. Het concept met google-forms werkt voor mij prettig en overzichtelijk in combinatie met PowerPoint. Ik zie wel dat het professioneler kan, dat wordt misschien nog eens een volgende stap. Ik ben benieuwd naar andere ervaringen in het mbo.

Deel en durf vooral jouw ervaringen te delen met ons!

Margot de Vries

Margot de Vries

Docent ROC A12

Gastblog

Schrijf je in voor onze wekelijkse blog

Sint, Kerst en… Functioneringsgesprekken

Sint, Kerst en… Functioneringsgesprekken

  Het zit er weer aan te komen …. de jaarlijkse stress aan het eind van het jaar, waar menig medewerker slecht van slaapt ; het functioneringsgesprek, het voortgangsgesprek, het startgesprek of welke andere naam er ook aan gegeven wordt. Waarom werkt dit...

Lees meer
WAAROM HETZELFDE DOEN, ALS HET OOK LEUKER KAN?

WAAROM HETZELFDE DOEN, ALS HET OOK LEUKER KAN?

  Je geeft inmiddels al zo’n drie maanden les (in dit studiejaar). Laten we eerlijk zijn, hoe vaak komen de studenten zuchtend de klas binnen met de vraag waarom ze deze les hebben? Of dat ze zich tijdens de les verschuilen achter de laptop? We willen graag dat...

Lees meer
Leerkracht!!!

Leerkracht!!!

  Veel opleidingen zijn aan het worstelen met het verschil tussen individueel leren en gepersonaliseerd leren. Het filmpje van Peter Heerschop heeft mij geraakt en laat mij zien dat leerlingen/studenten samen leren, elkaar daarvoor ook nodig hebben en...

Lees meer

Onderwijs & Onboarding

Onderwijs & Onboarding

Gastblog

Het monitoren van de startfase van eerstejaars studenten

Binnen organisaties staat het al hoog op de agenda: Het “onboarden” van nieuwe medewerkers. Zo gauw een nieuwe medewerker “on board” komt wil je hem daar ook houden. Een goede onboarding is dus daarom méér dan een introductie. Het is een volwaardig inwerkprogramma dat als doel heeft dat de medewerker snel productief is en zichzelf verbindt aan zijn werk en de organisatie. Met zorg en aandacht aan boord laten gaan én blijven dus. Dat is goed voor zowel organisatie als medewerkers, omdat zij daarmee sneller waarde toevoegen (“tel uit je winst”) én zich beter verbonden voelen met de organisatie (wat een ongewenst snelle uitstroom voorkomt). Daarnaast draagt een goede onboarding ook bij aan een goed bedrijfsimago, en dat is weer interessant voor potentieel nieuw te werven medewerkers. Ook dat maakt dat een goede onboarding steeds belangrijker wordt.

ONDERWIJS

Binnen onderwijsinstellingen is onboarding net zo goed zinvol toepasbaar. Ook hier is immers sprake van veel beweging en groei, de wens studenten aan te trekken én hen gediplomeerd en succesvol over te dragen aan het werkveld en de maatschappij. Binnen het onderwijs willen we ervoor zorgen dat studenten snel, gemotiveerd en productief in het leerproces zitten én zich verbonden voelen. Verbonden met de onderwijsinstelling, de medewerkers en met mede studenten. Dat leidt tot betrokken studenten die goede resultaten behalen, en zich op een constructieve manier professioneel, persoonlijk en maatschappelijk ontwikkelen. Onboarding draagt er aan bij dat studenten zich verbonden voelen met de onderwijsinstelling en het verminderen van vroegtijdige studie-uitval.

WAT IS ONBOARDING?

Maar wat is onboarding precies? En hoe is dat zo te organiseren dat nieuwe studenten succesvoller worden? Goede onboarding versterkt het leerklimaat voor – en het leerproces van – nieuwe studenten. Het stimuleert de (maatwerk) aandacht voor basisbehoeften voor een goed leerklimaat zoals autonomie, verbinding en competentie. Onboarding heeft aandacht voor persoonlijke omstandigheden en studiemotivatie.

Onboarding is meer dan de traditionele introductiedag of -week. Het kan gezien worden als een drietrapsraket:
1. Voorbereiding (de fase tot aan de werkelijke start van de studie),
2. Oriëntatie (de eerste 3 maanden) en
3. Integratie (de rest van het eerste studiejaar).

In een traditionele introductie is weliswaar veel ruimte voor de “geschreven regels” binnen de onderwijsinstelling, maar de communicatie is vaak eenrichtingsverkeer. De onderwijsinstelling is geneigd de nieuwe studenten in één keer alle geschreven informatie te geven zoals de procedures, regels, organisatiestructuur, lesprogramma etc. Onboarding gaat juist óók over dat wat ongeschreven is binnen de onderwijsinstelling. Hoe verloopt de communicatie hier? Onboarding gaat over het uitwisselen van informatie tussen de nieuwe student en de onderwijsinstelling. Het gaat over (wederzijdse) feedback en verbinding. Zo zijn beide partijen sneller én beter in staat om hun verwachtingen waar te maken. Goede onboarding is tweerichtingsverkeer.

HOE WORDT MIJN EERSTEJAARS EEN GOEDE STUDENT?

De komst van nieuwe studenten is altijd enerverend. Niet alleen voor de student, maar ook voor de onderwijsinstelling. Iedereen wil het graag tot een succes maken. Een warm welkom, (maatwerk) aandacht voor het individu en een goede begeleiding versnellen een goede start. Het zorgt ervoor dat de eerstejaars studenten een veilig en stimulerend leerklimaat ervaren, zich betrokken voelen en sneller in hun kracht staan.

KAN UW ONBOARDING NOG BETER?

Belangrijk is om niet zomaar een onboardingprogramma te kopiëren of een van de vele bestaande apps te gebruiken. Je moet eerst een goed beeld hebben wat je bedoeling is, en hoe het huidige programma werkt. Eerst even pas op de plaats en bepalen hoe de vlag erbij hangt dus. Hoe vinden de nieuwe studenten het eigenlijk bij uw onderwijsinstelling? Bij hoeveel valt de start tegen; en waarom? En met wie hebben ze het erover? En hoe tevreden zijn docenten en studieloopbaanbegeleiders met deze startfase? En hoe belangrijk vinden zij het eigenlijk?

INZICHT DOOR METEN

De Onboarding Monitor Onderwijs (OMO) meet de belangrijkste pijlers in de startfase van de eerstejaars studenten. Denk bijvoorbeeld aan het contact voordat het studiejaar gestart is, de mate van sociale integratie en verbinding van nieuwe studenten en de manier waarop ze gefaciliteerd worden in hun leerproces. De OMO ontlokt ook datgene wat vaak onbeschreven en onbesproken blijft binnen de opleiding en de onderwijsinstelling.

Een goede eerste stap is om de beleving van de schoolleiders, de docenten en andere onderwijsprofessionals bij onboarding in kaart te brengen. Dat kan via een snelle effectieve online meting waarbij 5 onboarding thema’s gedifferentieerd naar 15 activiteiten beschouwd worden vanuit 2 dimensies: tevredenheid en belang. Daarmee wordt voor de onderwijsprofessionals meer scherpte aangebracht in een gezamenlijk gedragen visie op de belangrijke startfase. Daarnaast geeft het meten van de beleving van de nieuwe studenten de mogelijkheid om heel gericht en met de juiste prioriteit verbeteringen in het onboardingproces te definiëren en implementeren.

WAT LEVERT HET U OP?

Een betere onboarding van eerstejaars studenten:

  • Verhoogt de motivatie en de leerprestatie van nieuwe studenten
  • Vergroot het behoud van nieuwe studenten
  • Verhoogt de studententevredenheid
  • Vergroot de verbinding van onderwijsprofessionals met studenten
  • Verlaagt kosten als gevolg van vroegtijdige studie-uitval

 

 

 

 

MEER WETEN?

Bent u ook geïnteresseerd in de waarde die de Onboarding Monitor Onderwijs voor u kan bieden? Voor meer informatie kunt u contact opnemen via bert@onboardingmonitor.nl of telefonisch via 06 36 14 09 62.

Bert Holman

Bert Holman

Auteur

Schrijf je in voor onze wekelijkse blog

WAAROM HETZELFDE DOEN, ALS HET OOK LEUKER KAN?

WAAROM HETZELFDE DOEN, ALS HET OOK LEUKER KAN?

  Je geeft inmiddels al zo’n drie maanden les (in dit studiejaar). Laten we eerlijk zijn, hoe vaak komen de studenten zuchtend de klas binnen met de vraag waarom ze deze les hebben? Of dat ze zich tijdens de les verschuilen achter de laptop? We willen graag dat...

Lees meer
Leerkracht!!!

Leerkracht!!!

  Veel opleidingen zijn aan het worstelen met het verschil tussen individueel leren en gepersonaliseerd leren. Het filmpje van Peter Heerschop heeft mij geraakt en laat mij zien dat leerlingen/studenten samen leren, elkaar daarvoor ook nodig hebben en...

Lees meer
Help! Ik houd geen student meer over!

Help! Ik houd geen student meer over!

  Op ons high impact teaching event (HIT) op 21 november gaan we dieper in op het thema ‘Studiesucces’. Een van de onderwerpen die dan zeker naar voren zal komen, is het eerstejaarsrendement. In mijn vorige blog spraken we al over de noodzaak van het verhogen van...

Lees meer

Tentamens om van te leren met minder druk voor de docenten.

Tentamens om van te leren met minder druk voor de docenten.

Gastblog

De oplossing voor papieren tentamens

Zodra studenten klaar zijn met het maken van een tentamen moeten zij vaak lang wachten op het resultaat. Wanneer dit resultaat eenmaal bekend is, zijn er mogelijkheden voor inzage van het gemaakte werk. De studenten die hier op afkomen doen dat eerder om over een hoger cijfer te onderhandelen, dan om te leren van het gemaakte werk. Daarnaast levert dit nakijken en bespreken met studenten veel administratieve rompslomp op voor de docent.

Figuur 1. Voorblad van een tentamen via Ans.
Rechtsboven het krasveld voor de student,
onderaan de beschreven code.

Studentenvisie

Ik was ook zo’n onderhandelende student bij de opleiding Industrieel Ontwerpen aan de TU Delft. Tentamens waren een middel, studiepunten halen was het doel. Hoe zorg ik er voor dat ik dat ene tentamen toch nog net gehaald heb? Juist, door naar de inzage te gaan en daar ontzettend mijn best doen ergens nog een puntje voor te krijgen. Voor de docent vervelend, voor mij een leuke uitdaging. Na een aantal jaar studeren besloot ik een jaar plaats te nemen in de centrale studentenraad van de TU Delft. Een van mijn taken was het aanpakken van onderwijsproblemen vanuit studentenperspectief. En wellicht raad je het al, het hierboven beschreven probleem was één van die projecten. Als studentenraad vroegen we ons af hoe de feedback van gemaakte tentamens verbeterd kon worden. En of er bovendien mogelijkheden zijn om de administratie en belasting voor docenten te verminderen en tevens de feedback en tevredenheid van studenten te vergroten.

Oplossing

Al snel kwamen we in contact met Kerim Haccou en Benjamin Wols, beide student aan de TU Delft en oprichters van Ans Delft. Zij hebben een platform ontwikkeld dat een oplossing biedt voor wat wij proberen op te lossen. Ans is een platform waarin docenten gemakkelijk toetsen maken en nakijken. In het digitale platform maakt de docent gebruik van beoordelingscriteria voor het corrigeren van gemaakte toetsen. Nadat het tentamen is geprint en gemaakt door de student, wordt het gescand. Op elk tentamen plaatst Ans automatisch een unieke code (zie onderaan figuur 1). Zodra een student zijn studentnummer aankruist in het krasveld op de voorpagina, koppelt Ans die aan de code op het voorblad. Deze is vervolgens weer gekoppeld aan de codes op de andere bladzijden van dat tentamen. Wanneer de tentamens worden gescand, herkent Ans precies welk blad bij welke student hoort en dus ook welk antwoord bij welke student!

Anoniem, digitaal en versneld nakijken

Na het scannen, kan het nakijken beginnen. Het nakijken wordt horizontaal en anoniem gedaan: per vraag, in plaats van per student. In figuur 2 is links het antwoord van een willekeurige student te zien, en rechts de beoordelingscriteria die geselecteerd kunnen worden door de docent. Samen met het automatisch nakijken van multiple choice vragen, niet ingevulde vragen en het optellen van punten, ervaren docenten gemiddeld een halvering van de nakijktijd. Ook levert het platform direct statistieken op over het tentamen, die docenten kunnen gebruiken om valkuilen voor studenten op te sporen. Dit is een mooi middel om de kwaliteit van de toetsvragen te verbeteren.

Figuur 2. Links het antwoord van een willekeurige student, rechts de beoordelingscriteria.

Publicatie van nakijkwerk plus verbetering feedback

Na het nakijken kunnen de docenten de vragen en antwoorden publiceren naar de studenten. Doordat studenten de feedback op hun tentamenvragen online kunnen inzien en daar direct op kunnen reageren, wordt het inzagemoment een stuk toegankelijker. Studenten zien de criteria waar ze op beoordeeld zijn, waarmee zij meer inzicht krijgen in wat ze goed en fout hebben gedaan. Daarnaast kunnen zij ook zien op welke leerdoelen zij goed hebben gescoord. Dit resulteert in een toename van het aantal studenten dat hun tentamen inziet van 15% naar 90%!

De stappen samengevat:

  • Beoordelingscriteria opstellen
  • Online tentamen aanmaken
  • Printen
  • Studenten maken het tentamen
  • Scannen
  • Digitaal nakijken
  • Feedback naar student. 

Papieren tentamens

Ans wordt nu vooral gebruikt als oplossing voor papieren tentamens. We zien dat er een verschuiving is naar meer digitale tentamens, maar voor sommige vakken blijft papier toch de beste keuze. Wanneer er bijvoorbeeld moet worden gewerkt met veel open vragen, formules, tekeningen en figuren. Daarnaast hebben niet alle instellingen voldoende computers(zalen) beschikbaar. Toch heeft digitaal ook veel voordelen voor de administratievermindering. Met Ans worden beide werelden gecombineerd: Tentamens op papier, administratievermindering door digitaal na te kijken.

Afsluiter

Inmiddels ben ik zelf ook werkzaam bij Ans en maken er al meer dan 500 docenten, verspreid over diverse universiteiten, hogescholen en middelbare scholen, gebruik van Ans voor hun tentamens. Overigens is het sinds kort ook mogelijk om digitale toetsen en verslagen na te kijken. Met woorden is het vaak moeilijk uitleggen hoe Ans werkt, en je zou het eigenlijk zelf even moeten ervaren. Mocht je dit willen? Neem dan contact met mij op en dan organiseren wij een korte online demo!

Johan van den Heuvel
Johan@ans-delft.nl

Nawoord Peter Loonen, OAB Dekkers:

Ik heb van Johan de online demo gehad en ben onder de indruk van de mogelijkheden van Ans. Waar ik vooral erg gecharmeerd van ben is dat docenten (-teams) bij open vragen vooraf een beoordelingsmodel moeten maken. We weten allemaal dat dit belangrijk is wanneer een toets met open vragen gemaakt wordt. In mijn ervaring is de realiteit vaak anders. Er wordt een toets met open vragen gemaakt en bij het nakijken beoordeelt de docent de gegeven antwoorden. De kans op beoordelingsfouten is dan erg groot. Ik heb de stellige overtuiging dat de betrouwbaarheid en de transparantie (2 belangrijke kwaliteitscriteria van toetsen) van schriftelijke toetsen door Ans toeneemt.

Johan van den Heuvel

Johan van den Heuvel

Auteur

Schrijf je in voor onze wekelijkse blog

Leerkracht!!!

Leerkracht!!!

  Veel opleidingen zijn aan het worstelen met het verschil tussen individueel leren en gepersonaliseerd leren. Het filmpje van Peter Heerschop heeft mij geraakt en laat mij zien dat leerlingen/studenten samen leren, elkaar daarvoor ook nodig hebben en...

Lees meer
Wat doet stress met ons brein?

Wat doet stress met ons brein?

  Lekker aan het genieten? Verdiend! Kun je je de laatste weken voor de zomerstop nog herinneren? Stress… Een overvolle agenda, vergaderingen, lessen voorbereiden, nakijken, het huishouden, sporten en dan nog alle bezoekjes aan vrienden en familie. Dit kan aardig...

Lees meer

Manifest beroepsonderwijs 2030: naïef of innovatief?

Manifest beroepsonderwijs 2030: naïef of innovatief?

Gastblog

Vertrouwen in de kern

Op een vrijdagmiddag in een vergaderruimte in Utrecht – Lunetten komen zo’n kleine dertig professionals (docenten MBO en HBO) af op de vraag van Peter Loonen van Onderwijsadviesbureau Dekkers: Wat moet er mooier, beter, anders in het beroepsonderwijs? Een leuke uitnodiging, een inspirerend onderwerp, even los komen van het vele nakijkwerk in deze periode en in gesprek met collega’s uit het hele land: ik heb er zin in!

Peter aftrap G50Maar dan: een vergaderzaaltje op deze grijze vrijdagmiddag, flapovers, geeltjes, subgroepen en presentaties… en het moet gaan over de toekomst van het beroepsonderwijs in 2050, als ik allang dood en begraven ben. Je zou gauw de trein terug nemen naar Nijmegen.

Goed dat ik dat niet gedaan heb! We starten met opstellingen om elkaar met een knipoog te leren kennen. Gaan in verschillende groepen in dialoog, enthousiast en met passie voor ons onderwijs. Waar elke mening telt, waar we met respect luisteren en doorvragen, waar standpunten naast elkaar kunnen bestaan, waar je niet hard hoeft te roepen om gehoord te worden. Waar we tot een eerste mooie stap zijn gekomen: de thema’s waar we belang aan hechten in het beroepsonderwijs van nu én in de toekomst.

Deze thema’s zijn verhalend aan elkaar te koppelen: In vertrouwen en samen(spraak) met alle betrokkenen op weg naar een hybride praktijkgerichte leer/werkplaats, waar het leren nooit ophoudt en een wezenlijke bijdrage levert aan de ontwikkeling van studenten en docenten en tegelijkertijd de samenleving verrijkt.

Zo. Klaar. Het manifest kan naar de minister!

Brainstorm manifestAls we er echter over doorpraten komen (en wie zei dat het makkelijk zou zijn?) een aantal vragen op:

  • Aanvankelijk zijn we uitgenodigd om na te denken over het beroepsonderwijs in 2050. Maar is dat niet veel té ver in de toekomst? Is 2030 niet een realistischer en overzichtelijker perspectief? Wat voor zin hebben deze vergezichten? Wat gebeurt er met al die manifesten?
  • Wat te doen als de politieke wind wat harder uit de controlehoek gaat waaien en het economisch tegenzit? Wat te doen als de lobby voor rekenen en taal het gaat winnen van het Bildung denken?
  • Moet er niet veel meer waardering, aandacht en geld naar het praktische vakmanschap binnen het MBO? Gaan we meer en beter samenwerken en muren afbreken of trekken we muren op en gaan we lobbyen voor de eigen sector?
  • Kunnen we de studenten nog wel boeien voor leren als de digitale verlokkingen te groot worden. Kan een docent niet veel beter en goedkoper worden vervangen door een robot vol leerzame, leuke en interactieve YouTube content?
  • Vragen we niet te veel van te weinig (trotse) docenten en van het onderwijs, het duizenddingendoekjevoor alle problemen in de samenleving?
  • Zijn we als G30/50-groep niet behept met een kokervisie van Ons Soort Mensen? Moeten we ons niet laten inspireren door studenten, filosofen, dwarsdenkers, scenario-analisten en onderwijsvernieuwers?
  • Zijn er wellicht andere initiatieven binnen en buiten het beroepsonderwijs waar we ons bij kunnen en moeten aansluiten?

Huiswerk dus. We gaan de komende maanden verder in dialoog over een wenselijke toekomst van het beroepsonderwijs. We gaan ook verder denken in scenario’s en ik vind het inspirerend om daar een bijdrage aan te mogen leveren. Los van de waan van de dag in een (leer)omgeving met passie voor het onderwijs en compassie voor het imperfecte. Laten we niet te lang wachten met het betrekken van studenten in deze dialoog. De ‘student als partner’ is een slogan die daarmee inhoud krijgt en het zal onze ideeën en wensen voor de toekomst meer diepgang en realiteitszin geven.

Gérard Hendriks

Docent aan de HAN, deeltijdopleiding Management in Zorg en Dienstverlening

PS

We hebben als G30 de politieke wind mee van minister Ingrid van Engelshoven van OCW, getuige haar uitspraken over vertrouwen in samenspraak tussen studenten en de professionals tijdens een werkbezoek op 16 januari 2018 in Amsterdam.

 Gerard Hendriks

Gerard Hendriks

Docent Hogeschool Nijmegen en Arnhem

Schrijf je in voor onze wekelijkse blog

Sint, Kerst en… Functioneringsgesprekken

Sint, Kerst en… Functioneringsgesprekken

  Het zit er weer aan te komen …. de jaarlijkse stress aan het eind van het jaar, waar menig medewerker slecht van slaapt ; het functioneringsgesprek, het voortgangsgesprek, het startgesprek of welke andere naam er ook aan gegeven wordt. Waarom werkt dit...

Lees meer
WAAROM HETZELFDE DOEN, ALS HET OOK LEUKER KAN?

WAAROM HETZELFDE DOEN, ALS HET OOK LEUKER KAN?

  Je geeft inmiddels al zo’n drie maanden les (in dit studiejaar). Laten we eerlijk zijn, hoe vaak komen de studenten zuchtend de klas binnen met de vraag waarom ze deze les hebben? Of dat ze zich tijdens de les verschuilen achter de laptop? We willen graag dat...

Lees meer
Leerkracht!!!

Leerkracht!!!

  Veel opleidingen zijn aan het worstelen met het verschil tussen individueel leren en gepersonaliseerd leren. Het filmpje van Peter Heerschop heeft mij geraakt en laat mij zien dat leerlingen/studenten samen leren, elkaar daarvoor ook nodig hebben en...

Lees meer

Hit me (Ian Dury, 1978)

Hit me (Ian Dury, 1978)

Gastblog

HIT EventEen gastblog over het HIT congres van 23 november; om in festival termen te spreken, wat een line up!, Dury, Dochy, Simons, de Bruykere, Boonstra en Jolles. Net als bij Lowlands wordt met een aftermovie en een sneakpreview al een voorschot genomen op de volgende editie met als thema topsport en leren.

Met relatief weinig ruimte maak ik keuzes uit een rijke oogst van de dag; ik begin met de presentatie van Claire Boonstra, indrukwekkend omdat zij op een aansprekende manier de dominante logica van het onderwijs ter discussie stelt.

Een korte toelichting op dominante logica: een microfoon is dure apparatuur waar je zeker niet mee kunt gooien. Het gevolg is altijd gedoe in zalen met sprekers die niet te verstaan zijn, kabels die achter stoelen blijven haken etc. Door hier anders over na te denken is er nu de Catchbox, een microfoon waar je wel mee kunt gooien en die de interactie met de zaal ondersteunt. Deze innovatieve microfoon werkt echt zo blijkt tijdens HIT.

De dominante logica in het onderwijs lijkt inderdaad meer, hoger, beter. Hoewel dit op het eerste gezicht geen ‘verkeerde’ kwalificaties lijken, is er veel op af te dingen. Het huidige systeem lijkt  onvoldoende aan te sluiten bij de jongeren én de complexe vraagstukken van een ongewisse toekomst. Dat Claire Boonstra met haar team en Operation Education een voortrekker wil zijn vind ik inspirerend.

Pedro de Bruyckere combineert een indrukwekkende getallenreeks met een optreden dat wat mij betreft Stand Up Education mag heten. Hij waarschuwt ons voor onderwijsmythes zoals de retentie piramide, ontstaan rond de 19de eeuw en zonder enige wetenschappelijke basis een mooi voorbeeld van fake news avant la lettre. Ook mét onderbouwing, de 352.000 van Hattie, de man zonder leven, drukt hij ons op het hart om scherp te blijven op het effect van interventies in het onderwijs, de werkelijkheid is zeer complex.

Robert-Jan Simons vraagt de aandacht voor onze eigen mindset en de mindset van studenten gebaseerd op de onderzoeken van Carol Dweck. Hij vertaalt het heel toepasselijk naar een mooie Sinterklaas metafoor die mij aan het denken zet over overtuigingen, emoties, kennis en gedrag rond leren. Ik ga naar buiten met “you can learn anything”.

Ieder festival heeft een openings- en slotact. Ook hier is meer dan voldoende te genieten én te leren. Dochy brengt zijn boodschap chaordisch, de zaal verandert al snel in een netwerk van stoelen en mensen die enthousiast uitwisselen. Dochy pleit voor onderwijs dat aansluit bij de dagelijkse realiteit, het onderwijsmodel van Hill biedt allerlei aanknopingspunten, met just in time, hybride en Youtube als een aantal belangrijke componenten. Jelle Jolles sluit de dag af met een pleidooi voor vertrouwen en respect voor onze leerlingen, onderwijs is werk in uitvoering, de rijping van de hersenen van kinderen/adolescenten zet nog heel lang door. Richt het onderwijs in met ruimte voor het leergesprek en laat kennis en inzichten ontstaan op basis van bijvoorbeeld afbeeldingen die het uitgangspunt zijn voor discussie. Steun, sturing en inspiratie zijn volgens Jolles de onmisbare pijlers voor ontplooiing van jongeren.

Terwijl ik dit blog schrijf merk ik dat het in mijn hoofd ‘borrelt’. Wij werken in een bijzonder mooie sector die zoals Pedro de Bruyckere schetst zeer complex is. Die complexiteit vind ik soms overweldigend en tegelijkertijd denk ik aan een citaat van Mahatma Gandhi, “een reis van duizend mijl begint bij de eerste stap” of zoals Ian Dury het in 1978 kort en krachtig verwoordde “Hit me”.

Een korte sfeerimpressie van de dag

Richard van Bragt

Richard van Bragt

Auteur

Docent bij de NHTV in Breda
bureau@oabdekkers.nl

Schrijf je in voor onze wekelijkse blog

Sint, Kerst en… Functioneringsgesprekken

Sint, Kerst en… Functioneringsgesprekken

  Het zit er weer aan te komen …. de jaarlijkse stress aan het eind van het jaar, waar menig medewerker slecht van slaapt ; het functioneringsgesprek, het voortgangsgesprek, het startgesprek of welke andere naam er ook aan gegeven wordt. Waarom werkt dit...

Lees meer
WAAROM HETZELFDE DOEN, ALS HET OOK LEUKER KAN?

WAAROM HETZELFDE DOEN, ALS HET OOK LEUKER KAN?

  Je geeft inmiddels al zo’n drie maanden les (in dit studiejaar). Laten we eerlijk zijn, hoe vaak komen de studenten zuchtend de klas binnen met de vraag waarom ze deze les hebben? Of dat ze zich tijdens de les verschuilen achter de laptop? We willen graag dat...

Lees meer
Leerkracht!!!

Leerkracht!!!

  Veel opleidingen zijn aan het worstelen met het verschil tussen individueel leren en gepersonaliseerd leren. Het filmpje van Peter Heerschop heeft mij geraakt en laat mij zien dat leerlingen/studenten samen leren, elkaar daarvoor ook nodig hebben en...

Lees meer

Vul je emailadres en je naam in

om de  casestudy te bekijken

You have Successfully Subscribed!

Vul je emailadres en je naam in

om de casestudy te bekijken

You have Successfully Subscribed!