Relatie, relatie, relatie…

Relatie, relatie, relatie…

Relatie, relatie, relatie…

Alle scholen hebben de afgelopen weken hard gewerkt om de Corona-richtlijnen voor het nieuwe schooljaar op te stellen. Hoeveel mensen mogen er tegelijk in het gebouw zijn; hoeveel passen er in een klaslokaal en wat zijn de richtlijnen voor het offline en online onderwijs?

Vaak wordt er door de opleidingen gekozen om de nadruk te leggen op het aspect van verbinding voor de offline, on campus activiteiten. En terecht: “geen prestatie zonder relatie”, is niet voor niets een cliché en juist die persoonlijke noot hebben wij in het onderwijs de afgelopen maanden zo gemist. Gert Biesta (2012) heeft het in zijn drieslag dan ook over socialisatie als één van de doelen van onderwijs waarbij betrokkenheid en relatie voorop staan.

Onderwijskundig kan het centraal stellen van ‘binding’ nog wel een uitdaging zijn. Hoe veranker je dit op een goede manier in het curriculum zodat het bijdraagt aan de leerprestaties van de student? Een optie zou zijn om de methode van samenwerkend leren in te zetten. Immers, het samenwerken aan een groepstaak zorgt voor sociale cohesie: een gemeenschapsgevoel en vertrouwen, wat weer bijdraagt aan motivatie om te leren[1].

Bij samenwerkend leren zorgt de docent voor een situatie waarin positieve, wederzijdse afhankelijkheid kan ontstaan. De participatie van elke student is essentieel, wat zorgt voor medeverantwoordelijkheid en gedeeld leiderschap. Elke student is daardoor ook individueel aanspreekbaar voor zijn bijdrage aan het leerproces, door de docent maar vooral door zijn medestudenten. Een mooi voorbeeld is de situatie waarin de studenten in de ochtend, online, instructie krijgen. Tijdens de instructie kan dan eventueel verwezen worden naar aanvullend materiaal zoals kennisclips, wat de studenten nodig hebben om de stof goed te doorgronden en de opdracht goed af te kunnen ronden. De docent stelt de groepjes samen en de studenten gaan aan het werk. De studenten komen in de middag naar de locatie en werken daar verder aan de opdracht, begeleid door één of meerdere leerkrachten.

In dit voorbeeld heeft de docent drie rollen: het begeleiden van het groepsproces, het geven van feedback op het product en het proces en de rol van de inhoudelijk expert. Ook hier wordt nu wederzijdse afhankelijkheid gecreëerd, maar nu tussen de docent en de student. Mooi is, dat we nu door het samenwerkend leren, bouwen aan de relatie en door het geven van feedback, kunnen proberen de motivatie van de student te verhogen.

Feedback wordt door Duijnhouwer (2010) omschreven als ‘Informatie over één of meer aspecten van de prestatie van een lerende, gegeven door een ander persoon, met als doel de cognitie, de motivatie en/of het gedrag van de lerende te beïnvloeden, teneinde zijn of haar prestatie te verbeteren’. Black en William (2009) toonden al aan dat goede feedback geven zeer complex is, maar, wanneer het antwoordt geeft op de juiste drie vragen (waar ga ik naartoe?, hoe doe ik het? en hoe verder?) én op het juiste niveau insteekt (taakniveau, procesniveau, zelfregulatie en het zelfniveau) zeer effectief is.

Dit alles vraagt natuurlijk nogal wat van een docent en het docententeam. Het vereist naast inhoudelijk vakmanschap ook planning, onderlinge afstemming, goed doordenken van het leerproces en een goed beeld van de eigen docentrol daarin.

[1] zie O’Donnel & O’Kelly, 1994; Kreijns e.a., 2003; Kester & Paas, 2005 in Kennisrotonde, 2018

Dennis van Aart

Dennis van Aart

Auteur

Beter een zes zonder stress dan een zeven zonder leven?

Beter een zes zonder stress dan een zeven zonder leven?

  “Studenten doen gewoon niks! Ze zijn niet gemotiveerd om naar de les te komen, ze zijn niet gemotiveerd om huiswerk te maken, niet gemotiveerd om zich voor te bereiden”…..hoe vaak hoor je dit niet? In mijn vorige baan heb ik dit ook meegemaakt. Onze docenten...

Lees meer
Green Travel Challenge

Green Travel Challenge

  Iets meer dan een jaar geleden begon het allemaal. Er ontstond veel ruimte in mijn leven, mijn relatie ging uit. Weg toekomstplannen, veel vragen en heel veel ruimte. Bij grote veranderingen kom ik steeds weer uit bij dezelfde vraag: wat wil ik nu echt?Reizen...

Lees meer

Online leren: Een sprint en een marathon!

Online leren: Een sprint en een marathon!

Online leren: Een sprint en een marathon!

Sinds 15 maart alle scholen gesloten zijn, is er door alle docenten in het land een enorme prestatie geleverd! Met man en macht is er gewerkt aan het onderwijs online krijgen. Langzaamaan beginnen we te wennen aan wat een uitzonderlijke situatie is. Hoe maken we van deze sprint ook een marathon?

In een tijd waarin we alle bestaande gewoontes aan de kant moeten zetten, bouw je als docent en als onderwijsteam ook nieuwe gewoontes weer op. Hoe ga je om met al die korte termijnvraagstukjes die misschien een lange termijndoel hebben? Ik zou je daar drie dingen voor willen aanraden.

  1. Houd aandacht voor de basisdidactiek en hoe je dit als team doet.
  2. Begin nu met het team al goed na te denken over (online) toetsing
  3. Evalueer: ook nu leer je waardevolle dingen die je later wilt blijven doen, zowel individueel en als team

(online) Basisdidactiek

Sinds de scholen gesloten zijn, hebben we via onze website www.hulpmetonlineleren.nl gratis webinars verzorgd en materiaal beschikbaar gemaakt om docenten te ondersteunen. We merken dat langzaam de aandacht begint te verschuiven van de techniek (hoe werkt MS Teams?) naar de didactiek en pedagogiek. Hoe zorg ik dat studenten ook in deze moeilijke tijd blijven leren? Het is belangrijk te onderkennen dat online didactiek iets anders vraagt dan offline didactiek. Online didactiek vraagt werken met een script en meer nadenken hoe je studenten bereikt en online interactie krijgt. Het is zowel voor studenten als jezelf goed als er rust komt in alle online tools die jullie samen gebruiken en als team nadenken hoe jullie elkaar kunnen ondersteunen en het onderwijs kunnen verstevigen.

Houd er rekening mee dat dit ook voor studenten een periode van angst en onzekerheid is, net zoals dat misschien ook voor jou nu heel lastig is. Ook zij moeten wennen aan een nieuwe situatie; zij moeten nu misschien studeren op een plek die ze soms proberen te ontlopen. Help hen door hun gevoel van autonomie en (zelf)controle te blijven ondersteunen, ook al is het alleen ‘op school’.

Toetsing

Het afstandsleren biedt mogelijkheden voor online toetsing. Daar waar opleidingen al werken met formatief evalueren en of portfoliotoetsing, hoeft het online leren geen belemmering te zijn. Er lijken nog geen goede, veilige opties te zijn voor het online toetsen van kennis op het laagste niveau van de taxonomie van Bloom (kennis reproductie). Je kunt met je collega’s nu nog eens kritisch naar je toetsgebouw kijken: zijn al die toetsen die we aanbieden, wel logisch? En wat we toetsen….zou dat niet op een andere manier door de student kunnen worden aangetoond? Denk aan presentaties, kennisclips etc… Zie hiervoor op de zestien tool voor online didactiek

Het is de vraag of alle studenten wel in staat zijn om de stof via afstandsleren, eigen te maken. De kwetsbare groepen, vooral in de randstad, hebben vaak niet de (technische) middelen om het onderwijs goed te kunnen volgen (denk aan de beschikbaarheid van WIFI, een eigen computer of een rustige, veilige studieplek). Ook hier is de vraag: wat kan wel, ook om de student gemotiveerd te houden en waar moet je eerlijk zijn: dit is ons niet gelukt en daar zullen we een andere oplossing voor moeten verzinnen. Wellicht is het nodig om eerst te denken: hoe help je deze groep in het aanbrengen van structuur en misschien helpen bij het letterlijk in beweging komen zodat zij zich mentaal en fysiek kunnen wapenen tegen de huidige situatie – en dan pas weer openstaan om te kunnen leren.

Evalueer

Overal om ons heen ontstaan schitterende initiatieven. Hoe houd je die vast als we straks weer naar school kunnen? Bedenk nu alvast hoe je wilt evalueren en wat je te weten wilt komen. Kan je de onderwijsinnovatie versnellen? Tot welke inzichten ben je gekomen? Hoe houd je die mooie autonomie en zelfsturing die studenten nu krijgen, vast zonder straks weer in de controle te schieten? Misschien zou je als team zelfs ontwikkeldoelen kunnen afspreken. Nu heb je tenslotte ook de ruimte om te testen en te proberen!

Ik wens je hier veel succes en wijsheid bij. Op onze website www.hulpmetonlineleren.nl vind je allerlei gratis tips en handvatten. Je kunt er ook de webinars terugkijken. Ik zou het fijn vinden als je ons laat weten waar je nu tegenaan loopt en welke vragen je hebt. Wij gaan er dan mee aan de slag.

Tot slot. Ter inspiratie denk ik aan de Griekse filosoof Epictetus: We hebben niet altijd controle over de situatie waar we inzitten, maar we zijn altijd vrij in hoe we erover denken…

Dennis van Aart

Dennis van Aart

Auteur

Hoe start je op in september 2020?

Hoe start je op in september 2020?

  Wat hebben we lang uitgekeken naar deze heerlijke vakantie. Meer dan ooit hunkerden studenten en docenten naar vakantie. In een jaar waarin de leercurve voor iedereen in het onderwijs scherper is dan ooit de voren. Regelmatig ver buiten de comfortzone, lang...

Lees meer
Stilstaan midden in een stroomversnelling; hoe doe je dat?!

Stilstaan midden in een stroomversnelling; hoe doe je dat?!

  We zijn in een regelrechte stroomversnelling gekomen. Heel ons land en zeker in het onderwijs. Je kunt niet stil blijven staan om het rustig te bekijken. We moeten morgen online; hoe dan?! Ik ben trots op onderwijsland, dat staat buiten kijf. Ontzettend gaaf...

Lees meer
Hoe stimuleer je het nadenken bij studenten?

Hoe stimuleer je het nadenken bij studenten?

  Wat is de link tussen denken en leren? Hoe kun je iedereen in je (online) klas laten nadenken? En welke tool kan je inzetten om jouw studenten tot nadenken te stimuleren? Op deze vragen geef ik antwoord in deze blog. En op het einde van de blog kun je je eigen...

Lees meer

Een Cassandravoorspelling

Een Cassandravoorspelling

Een Cassandravoorspelling

In ons werk ben je veel onderweg. In de auto luister ik dan graag naar podcasts en zo hoorde ik voor het eerst over de Cassandravoorspelling. Het verwijst naar een onheilsvoorspelling die achteraf correct blijkt te zijn, maar op het moment van voorspellen niet wordt geloofd, zodat onheil onafwendbaar is.

In de mythologie is Cassandra de dochter van de koning van Troje. Van de goden kreeg zij de gave om de toekomst te voorspellen, alleen met een klein nadeel: niemand zou haar geloven. Dat laatste was de straf van Apollo, omdat zij een belofte aan hem niet was nagekomen. Zo waarschuwde zij tevergeefs voor de ondergang van Troje.  Zij sprak op een onbegrijpelijke manier; het sloot niet aan bij het taalgebruik van haar publiek en ze praatte in metaforen die niet werden begrepen. Als we dat vertalen naar onderwijstaal: ze wist geen urgentie te bereiken.

Toen ik dit hoorde, moest ik direct denken aan de in december gepubliceerde Pisa en OESO cijfers. Deze cijfers voelen als naderend onheil, waarvan de oorzaak en het gevolg niet worden geloofd of gezien. Wat uit de cijfers het meest in de media is geweest, zijn de leesvaardigheden van middelbare scholieren. Die zakt al jaren en in ons land zit nu onder het gemiddelde van de 37 rijkste landen. In een artikel in het dagblad Trouw staat:

”dat … een kwart van de [1]Nederlandse jongeren niveau 2 niet haalt. Niveau 2 wordt door de makers van Pisa beschouwd als het minimum dat je nodig hebt om als mondige burger te kunnen deelnemen in de kennissamenleving.”

Nederland is niet het enige land dat achteruit gaat. Meer landen gaan achteruit, maar de daling is het scherpst bij Nederlandse scholieren. Deze score is voor Nederland nog nooit zo laag geweest. Ook wiskunde en natuurwetenschappen kent een negatieve trend. Daarbij is de ongelijkheid binnen het onderwijs groter dan in andere landen; 9% van de scholieren met een migratieachtergrond behoort in Nederland tot de beste 25%; dat is 17% gemiddeld in de andere landen. Andere landen doen het hier dus gemiddeld bijna twee keer beter dan Nederland.

Bij alle cijfers zijn natuurlijk ook kanttekeningen bij te plaatsen. Andere vaardigheden zijn ook belangrijk en onze scholieren behoren tot de gelukkigste van de wereld. Maar toch, die gelukkige scholieren scoren wel steeds slechter op vaardigheden die je écht nodig hebt om in onze samenleving te kunnen functioneren. We zijn één van de rijkste landen ter wereld maar het onderwijsniveau daalt al jaren. Alarmerend en zeer zorgwekkend.

De daling van het onderwijsniveau is met het toenemende lerarentekort in zowel het primaire als het voortgezet onderwijs een trend die niet is te keren. Samengevoegde klassen, onbevoegde docenten: de VO-raad signaleerde dat dit jaar middelbare scholen, scholieren moeten bijspijkeren omdat zij het benodigde instroomniveau niet meer halen. Oorzaak: het lerarentekort op de basisscholen.

Kunnen we hier leren van Cassandra? Misschien spreken we wel teveel in jargon; een tekort van 903 FTE in het voortgezet onderwijs en 6.217 FTE in het primair onderwijs in 2025[2] is misschien te abstract en te ver weg. Een bedrag van 460 miljoen extra naar het primair onderwijs is misschien te weinig om een gevoel van urgentie geven. Als we willen dat het onderwijs in ons land niet achteruit gaat of stabiliseert op of rond het gemiddelde, maar tot de top van de wereld gaat behoren, moeten we duidelijker praten. Concreter, duidelijker, tastbaarder. Dan hebben we gekwalificeerde en voldoende mensen nodig; die zijn toegerust om onze kinderen goed op te kunnen leiden. Hoe waarschijnlijk is het dat die er in de toekomst ook zullen zijn?

Laat ik dan op een bescheiden manier het voortouw nemen in het concreet maken, op basis van gegevens die openbaar beschikbaar zijn. In 2018 stonden er in het hoger onderwijs (Ad en Bachelor) binnen het CROHO onderdeel onderwijs 10.450 eerstejaars studenten ingeschreven[3]. Als we 7.120[4] extra docenten voor de klas willen hebben in 2025, zullen er met de huidige rendementscijfers[5] volgend jaar 16.090 studenten[6] moeten instromen bij de lerarenopleidingen en Pabo’s. Dat is ten opzichte van 2018 een toename van 154%. Het is februari; dit betekent dat we nog zes maanden hebben voordat het nieuwe schooljaar start. Dat is elke maand, vanaf nu, 1495 toekomstige studenten extra, bovenop de studenten die al zouden kiezen voor een opleiding in onderwijsopleidingen, om over vijf jaar de geprognotiseerde tekorten te hebben opgelost. Bij de huidige 30 instellingen die deze opleidingen aanbieden, is dat elke maand, zes maanden lang, 49 studenten, grofweg twee volle klassen, erbij. Stel dat dit lukt, dan gok ik dat we om deze nieuwe, extra studenten op te leiden, we ook een groot aantal nieuwe hbo- docenten nodig hebben. Die zullen volgend schooljaar moeten beginnen.

Deze cijfers, bij elkaar, zouden moeten aanzetten tot volksoproer. Ik verwacht een minister die oproept tot een deltaplan onderwijs: wegwerken van de tekorten aan docenten in het primair en voortgezet onderwijs en op zijn minst aandacht voor vaardigheden als lezen en rekenen. Enkele sussende woorden, wat krantenartikelen, meer was het niet. Daarom: zullen we snel beginnen met een deltaplan onderwijs en deze veenbrand benoemen voor wat het is: crisis?

 

Voetnoot

[1] https://www.trouw.nl/onderwijs/een-boek-lezen-pure-tijdverspilling-vinden-nederlandse-jongeren~bbcc2b5d/

[2] https://www.rijksoverheid.nl/onderwerpen/werken-in-het-onderwijs/aanpak-tekort-aan-leraren/lerarentekort-primair-onderwijs en https://www.vo-raad.nl/themas/ontwikkeling-leraren/onderwerpen/lerarentekort-e38d9309-3dfb-4caf-990a-1c0ad2d0136d

[3] https://duo.nl/open_onderwijsdata/databestanden/ho/ingeschreven/hbo-ingeschr/ingeschrevenen-hbo3b.jsp

[4] Ervan uitgaande dat 7.120 FTE ook 7.120 afgestudeerden zijn; in werkelijkheid zal het aantal docenten hoger liggen, ook omdat niet elke afgestudeerde voor de klas terechtkomt (andere baan zoekt). Voor de overzichtelijkheid neem ik aan dat een FTE gelijk is aan een leerkracht voor de klas en elke student na afstuderen voor de klas terechtkomt.

[5] https://www.vereniginghogescholen.nl/system/knowledge_base/attachments/files/000/000/184/original/Factsheet_Afgestudeerden_en_uitvallers_2010.pdf?1438943028; uitval jaar 1 tot en met 3: 25%, diplomarendement na vijf jaar 59%.

[6] Ironisch genoeg wordt als een van de redenen voor de hoge uitval de verplichte reken- en taaltoets op de Pabo opgevoerd.

Dennis van Aart

Dennis van Aart

Auteur

Schrijf je in voor onze wekelijkse blog

Beter een zes zonder stress dan een zeven zonder leven?

Beter een zes zonder stress dan een zeven zonder leven?

  “Studenten doen gewoon niks! Ze zijn niet gemotiveerd om naar de les te komen, ze zijn niet gemotiveerd om huiswerk te maken, niet gemotiveerd om zich voor te bereiden”…..hoe vaak hoor je dit niet? In mijn vorige baan heb ik dit ook meegemaakt. Onze docenten...

Lees meer

Help! Ik houd geen student meer over!

Help! Ik houd geen student meer over!

Help! Ik houd geen student meer over!

Op ons high impact teaching event (HIT) op 21 november gaan we dieper in op het thema ‘Studiesucces’. Een van de onderwerpen die dan zeker naar voren zal komen, is het eerstejaarsrendement. In mijn vorige blog spraken we al over de noodzaak van het verhogen van dat rendement. Maar wat als het studiesucces in jaar 1 zo laag is, dat het de toekomst van je opleiding bedreigt?

Een voorbeeld

Soms zit een opleiding in een situatie waar al enkele jaren achter elkaar het rendement daalt en de instroom krimpt. Het team kan niet precies zeggen waar het aan ligt en heeft al veel acties ingezet, maar die lijken niet te helpen. Er is sprake van een vicieuze cirkel.

Een vicieuze cirkel is een situatie waarin iets een bepaald gevolg heeft, terwijl dat gevolg op zijn beurt het eerstgenoemde verschijnsel in stand houdt of versterkt. Als je eenmaal in terecht bent gekomen, is het heel moeilijk om dit te doorbreken. Het bekende voorbeeld: Als een dorp leegloopt, nemen de voorzieningen zoals winkels en bibliotheken af, wat weer zorgt voor meer leegloop, zodat er nog minder voorzieningen etc. etc..

In ons voorbeeld zou je kunnen zeggen dat de achterblijvende instroom zorgt voor allerlei problemen zoals minder financiering (met als gevolg minder docenten of ondersteuners en een hogere werkdruk) en mede daardoor een afnemende positieve sfeer in de klassen (studenten die uitvallen en ontevreden weggaan). Het gevolg is een hogere uitval, waarna er weer minder studenten zullen instromen etc. etc..

Een opleiding gaat dit vaak, onder grote druk,  te lijf met verschillende interventies. Er wordt meer aandacht besteed aan LOB activiteiten, aan de hand van exit onderzoek wordt de communicatie verbeterd (meer emails, duidelijkere en meer regels) en, omdat vaak het idee is dat het niveau van de studenten afneemt, meer structuur in de lessen of zelfs het verplicht stellen van lessen. Helaas hebben dit soort maatregelen vaak maar weinig effect. De maatregelen benadrukken voor studenten juist dat er iets aan de hand is, en zorgen voor nog meer weerstand en negatieve gevoelens.

Maar hoe doorbreek je dit dan wel?

Studiesucces is een complex geheel, maar het loont om het probleem te versmallen zodat het behapbaar wordt. Modelmatig zijn er hier drie borden waarop je kunt schaken en invloed op kunt uitoefenen: 1) studenten, 2) docenten en 3) programma. We zijn in dit voorbeeld vooral op zoek naar interventies op korte termijn; manieren om de vicieuze cirkel te doorbreken.

Een goed begin is om samen met het hele team eens naar de voorwaarden voor motivatie te kijken[1] en elkaar daarop kritisch te bevragen. Deci en Ryan (bron) zeggen dat de (intrinsieke) motivatie kan worden verhoogd door in te spelen op de drie psychologische basisbehoeften, namelijk: (gevoel van) autonomie, gevoel van competentie en relatie (sociale verbondenheid).

Stel jezelf eens de vraag in hoeverre jullie nog autonomie ondersteunend gedrag ondersteunen na alle interventies? Denk bijvoorbeeld aan:

  • Hebben de studenten in dat vastgespijkerde, vaak verplichte programma nog keuzes? Zo nee, kan je op korte termijn wel zorgen voor een gevoel van autonomie?
  • Worden de studenten nog zo benaderd dat zij het gevoel hebben competent te zijn om het eerste jaar te doorlopen? Of kan je dit nog meer benadrukken? In gedrag en in toetsing?
  • Zijn jullie nog een opleiding waarbij je de student het gevoel geeft erbij te willen horen, of is dit gevoel verwaterd onder druk van alle acties en interventies,?

Paradoxaal genoeg zit de oplossing vaak niet in het duidelijker, gestructureerde communiceren of lessen verplicht stellen maar juist op een overwogen manier, meer keuzevrijheid te bieden. Een interventie waarmee je een goed, positief momentum weet te bewerkstelligen begint in de meeste gevallen bij het eigen handelen kritisch onder de loep te nemen en waar nodig aan te passen.

Vergeet niet de drie voorwaarden voor motivatie ook of misschien wel eerst op jezelf en het team te leggen: wat heeft dit alles gedaan voor jouw eigen gevoel van autonomie, competentie en verbondenheid met het team? Welk effect had dit op jouw en jullie motivatie?

Tijdens het HIT event zullen we hier zeker over verder praten. Heb je je nog niet aangemeld? Het kan nog via de website. Heb je je al wel aangemeld en wil je alvast in gesprek? Laat dan een reactie achter of stuur een email!

[1] Deci & Ryan (1985; 2000)

Dennis van Aart

Dennis van Aart

Auteur

Schrijf je in voor onze wekelijkse blog

Beter een zes zonder stress dan een zeven zonder leven?

Beter een zes zonder stress dan een zeven zonder leven?

  “Studenten doen gewoon niks! Ze zijn niet gemotiveerd om naar de les te komen, ze zijn niet gemotiveerd om huiswerk te maken, niet gemotiveerd om zich voor te bereiden”…..hoe vaak hoor je dit niet? In mijn vorige baan heb ik dit ook meegemaakt. Onze docenten...

Lees meer

Dwalen is falen: Tips voor het verhogen van eerstejaarsrendement

Dwalen is falen: Tips voor het verhogen van eerstejaarsrendement

Dwalen is falen: Tips voor het verhogen van eerstejaarsrendement

Nu het nieuwe jaar is opgestart en alle eerstejaars studenten in de klassen zouden moeten zitten, breekt er een spannende periode aan. Niet alleen voor de studenten – nieuwe omgeving, nieuwe studie, nieuwe docenten, maar ook voor de opleidingen. Hoeveel studenten zitten er daadwerkelijk in de klas?

Deze periode van het jaar is een goed moment om eens stil te staan bij het eerstejaarsrendement. Veel opleidingen worstelen met een te hoge uitval. Hoe je er ook tegenaan kijkt: dit is een verspilling van (gemeenschaps)geld, talent en ambitie. Maar wat is een normaal rendement eigenlijk?

Niet elke opleiding is hetzelfde. Opleidingen met een heel specifiek beroepsbeeld hebben het vaak iets makkelijker om voldoende studenten binnen te halen en te houden. Opleidingen die mogen of kunnen selecteren, ook. Vaak wordt ‘normaal’ gedefinieerd als: “wij hebben altijd..” of “met onze doelgroep is dit maximaal haalbaar”. Ook gehoord: “Goed dat er zoveel uitvallen, we hebben toch niet genoeg stageplaatsen”.

Denkend vanuit de verspilling van talent, geld, goede bedoelingen en inzet kan dit vraagstuk een stuk scherper worden aangepakt.  Aan de slag gaan met rendementen kan een veelkoppig monster zijn: je pakt één ding aan en voor je het weet, is er een nieuw probleem bijgekomen. Hieronder drie voorbeelden die makkelijk zijn uit te voeren, en snel inzicht en resultaat zullen opleveren.

  1. Een goede start kan zijn om eens goed naar de doelgroep te kijken. Wie zitten er eigenlijk in de klassen? En wie niet, die je wél had verwacht? Deze laatste groep is altijd interessant. Een rondje bellen met de studenten die zich wel hebben aangemeld maar niet zijn gekomen, levert je gegarandeerd interessante informatie op.
  2. Soms kan het helpen om een grove indeling te maken van de studenten die al in de klas zitten. Kan je de uitslagen van bijvoorbeeld een studiekeuzecheck gebruiken om iets te zeggen over de populatie?

Een valkuil hierbij is de negativity bias: de menselijke neiging om een groter gewicht te leggen op negatieve ervaringen/gedachten. We zijn geneigd om naar de uitvallende studenten te kijken door deze negatieve bril en te generaliseren: studenten hebben zich niet goed georiënteerd (“het leek mijn moeder wel een leuke studie”) en dat te generaliseren naar alle twijfelgevallen. Aan de andere kant beoordelen we studenten die sociaal wenselijke antwoorden geven, onbewust positiever. Geen van beide situaties geeft studenten een eerlijke kans. Geen enkele student begint aan de studie met het idee: ik ga dit jaar falen, een studieschuld opbouwen en dan zien we wel weer.

  1. Studieloopbegeleiding is nu vaak gericht op het binden en boeien van de grote groep. Met het risico op uitval van een andere groep als gevolg. Probeer eens een indeling te maken in drie groepen met verschillende begeleidingsbehoeften: een groep die het reguliere begeleidingsprogramma kan volgen, een groep die bijvoorbeeld kan worden geholpen bij een duidelijker beroeps- en opleidingsbeeld en een groep die extra, misschien wel specifieke begeleiding nodig heeft: waarom is het al de derde studie? Waarom heeft iemand geen boeken, maar komt hij/zij wel naar de les?

Door een eerste analyse en aanpak krijg je zelf, als team, focus en meer inzicht in de problematiek en kan je ook gerichter begeleiden; misschien kan je al in een vroeg stadium studenten helpen bij een betere keuze. Op termijn verhoogt dat zeker het eerstejaarsrendement.

 

Op de HIT dag op 21 november gaan we ook dieper in op studiesucces en gaan we ook aan de slag met het eerstejaarsrendement. Wil je meer weten of ben je benieuwd hoe jij zelf scherpere keuzes kunt maken in je aanpak?

Workshop studiesucces

Wil je meer weten over studiesucces? Op het High Impact Teaching event kun je een workshop volgen.
Dennis van Aart

Dennis van Aart

Auteur

Schrijf je in voor onze wekelijkse blog

Help! Ik houd geen student meer over!

Help! Ik houd geen student meer over!

  Op ons high impact teaching event (HIT) op 21 november gaan we dieper in op het thema ‘Studiesucces’. Een van de onderwerpen die dan zeker naar voren zal komen, is het eerstejaarsrendement. In mijn vorige blog spraken we al over de noodzaak van het verhogen van...

Lees meer
Kans op studiesucces…

Kans op studiesucces…

Bij veel opleidingen valt tot 50% van de studenten in het eerste jaar uit. Wat kun jij als docent hieraan doen? Thijs geeft suggesties.

Lees meer

Vul je emailadres en je naam in

om de  casestudy te bekijken

You have Successfully Subscribed!

Vul je emailadres en je naam in

om de casestudy te bekijken

You have Successfully Subscribed!