Met de invoering van passend onderwijs wordt op 1 augustus 2014 de landelijke indicatiestelling voor leerlinggebonden financiering (lgf) afgeschaft. Mbo-instellingen zijn vanaf dan zelf verantwoordelijk voor het organiseren en vormgeven van hun eigen ondersteuningsaanbod. Ze stellen de extra ondersteuning en begeleiding van studenten met een beperking of chronische ziekte vast, organiseren deze en geven ze vorm. Ook is het de bedoeling dat de instellingen de extra begeleiding en ondersteuning verbreden tot alle studenten die een extra ondersteunings- of begeleidingsbehoefte hebben.

 

Om een passend ondersteuningsaanbod te realiseren, moeten de mbo-instellingen in veel gevallen de interne zorgstructuur opnieuw vormgeven. Daarvoor wordt de huidige financiering en middelen opnieuw verdeeld. Ook vraagt het om een andere manier van denken en werken. Centraal staat wat de student nodig heeft om succesvol zijn mbo-studie te volgen en met een diploma af te ronden. Het is belangrijk dat ze daarbij samenwerken met het voortgezet onderwijs, gemeenten, UWV-werkpleinen, (jeugd)hulpverleningsinstanties en werkgevers’ (Passend Onderwijs in het MBO, 2013).

 

Passend Onderwijs komt eraan! Voor sommige scholen een logische stap, voor veel andere scholen een enorme berg olifanten die de weg versperren. Passend Onderwijs wordt op de eerste plaats gezien als een verkapte bezuinigingsmaatregel om van het Speciaal Onderwijs af te komen maar is dit ook echt zo? Vanuit zeven jaar ervaring als directeur in het Voortgezet Speciaal Onderwijs Cluster 4 zou ik in deze blog graag een lans willen breken voor een andere kijk op ‘Hoe passend is ons onderwijs eigenlijk?’

Natuurlijk; speciaal onderwijs, en dan spreken we hier voor het gemak even over cluster 3 (leerproblemen) en cluster 4 (gedragsproblemen en autisme), is geen goedkope vorm van onderwijs. Kleine klassen, extra aanwezige deskundigheid als orthopedagogen en psychologen en aangepaste methodes en middelen kosten veel geld. Dat mag ook; het is immers nodig om ook deze kinderen te begeleiden naar een goede toekomst en hun talenten voor 100% te leren benutten. Voor de klassen staan experts die weten wat deze specifieke groep leerlingen nodig heeft en hun lesprogramma daar volledig op aanpassen. Het zijn ook experts die zorgdragen voor hun eigen professionalisering door bij te scholen en op de hoogte te blijven van ontwikkelingen op psychodiagnostiek en begeleiding.

 

Kortom, zou je zeggen, een perfecte school voor deze leerlingen met een rugzak! De praktijk is echter niet altijd zo rooskleurig: veel van de leerlingen (zo’n 30%) die ik in die 7 jaar heb mogen ontmoeten waren leerlingen waarvan we met al onze deskundigheid konden zeggen ‘die had niet op onze school moeten zitten maar op het reguliere onderwijs’. Vaak daaraan gekoppeld de zin ‘als deze jongen/meisje een beetje aandacht en begrip had gehad, had ze nu nog in het reguliere schoolsysteem gezeten’. Deze 30 procent leerlingen is niet gebaat bij het speciaal onderwijs; het zijn leerlingen die juist door het ‘speciale’ gestigmatiseerd worden en niet tot bloei kunnen komen omdat ze in een omgeving zitten die (ondanks al die extra’s) heftig en storend is. Veel van deze leerlingen komen ook met schrijnende voorbeelden van ervaringen op hun vorige (reguliere) school: Het gemis aan begrip, het altijd gewezen worden op je fouten en je beperkingen, tot het daadwerkelijk genegeerd worden als volwaardige leerling.

 

Passend Onderwijs is bedoeld voor die 30% ‘speciale’ leerlingen. Speciaal onderwijs blijft bestaan, gelukkig maar want dat heeft die 70% hard nodig. Dat zijn veelal ook leerlingen die inderdaad niet (per direct) naar het reguliere onderwijs kunnen omdat de hulp die zij nodig hebben te specifiek en te expert-afhankelijk is. Maar wat zou het mooi zijn als we die 30% de plaats in het reguliere onderwijs kunnen geven die zij verdienen én nodig hebben!

 

‘Makkelijk praten’, zeggen docenten regelmatig tegen mij, ‘maar ik ben geen expert!’ Maar, en daar zit mijn lans, je hoeft ook helemaal geen expert te zijn! Tenminste niet als individuele docent… Passend Onderwijs valt of staat met je onderwijsteam waarin de primaire modus zou moeten zijn ‘wij dragen zorg voor elke leerling hier’. Let daarbij uitdrukkelijk op het woordje ‘elke’: Je onderwijs moet niet alleen passend zijn voor die leerlingen ‘waar wat mee is’. Je onderwijs moet passend zijn voor elke leerling die zich aan jouw opleiding verbindt. Elke leerling zijn talenten laten ontwikkelen en vooral ook láten benutten. Gedifferentieerd lesgeven zodat je toe komt aan de individuele leerbehoefte van elke leerling. Maar vooral, en dat is het grootste cliché maar daardoor niet minder waar, begrip! Luister nou eens echt naar wat leerlingen zeggen, wat ze vinden en voelen en wat ze nodig hebben. Luister en vraag, om samen de optimale (leer)weg te vinden! Samen is in Passend Onderwijs het sleutelwoord; samen met de leerling maar vooral ook…samen met je team!

Lees meer:

Artikel:  ‘Hoe Rationeel Emotieve Therapie (RET) ondersteunend kan zijn bij Passend Onderwijs’.

Ondersteuning: Het RET Kwartet. Bekijk het filmpje:

Vul je emailadres en je naam in

om de  casestudy te bekijken

You have Successfully Subscribed!

Vul je emailadres en je naam in

om de casestudy te bekijken

You have Successfully Subscribed!